Home Nieuws Archief op de scène: theatervoorstelling 'Nooit n…

Archief op de scène: theatervoorstelling 'Nooit nooit' van WOLF WOLF

Op 27 november 2025 bracht theatercollectief WOLF WOLF de première van hun voorstelling Nooit nooit bij NTGent. De plot: het archief van een theaterhuis gaat verdwijnen, dus besluiten de spelers om het volledige archief uit het hoofd te leren, zodat het nooit verloren gaat. Geïnspireerd door het archief van NTGent brengen ze een voorstelling over bewaren en vergeten. CEMPER sprak met enkele leden van de cast over hun werkproces, archieven en wat bewaard moet blijven.

Links en rechts rekken met bruine archiefdozen. Achteraan in de gang staan zes acteurs in kostuum.
Nooit nooit | © Koen Broos

Van archief tot voorstelling

WOLF WOLF is een Gents collectief van jonge makers en spelers: Imke Mol, Gilles Pollak, Naomi van der Horst, Mitch Van Landeghem en Flor Van Severen. Sinds 2019 maakten ze al vier voorstellingen samen. Daarbij vertrekken ze telkens van een gedeelde fascinatie voor de grens tussen fictie en realiteit. Hoe kunnen bestaande teksten opnieuw iets betekenen? Het is dus niet zo vreemd dat ze uiteindelijk een voorstelling wilden maken waarin niet alleen de tekst al bestond, maar waarin ook elementen zoals muziek en decor hergebruikt worden. Zo vatten ze het idee op om zich te laten inspireren door een theaterarchief.

Hoe zijn jullie te werk gegaan om van zo’n theaterarchief een voorstelling te maken?

Gilles: Eerst was het idee om echt van dat decor te vertrekken. Maar na onze eerste gesprekken met andere theaters, kwamen we erachter dat dat gewoon niet meer bestaat. Dat ging dus niet. Maar bij NTGent hadden ze interesse om iets met ons te maken en toevallig bestaan wij vijf jaar, vijfde voorstelling, NTGent zestig jaar, 125 jaar schouwburg. Het was bijna simultaan dat wij graag iets wilden maken rond dingen die er nog zijn en die vraag kregen. We hebben ook met andere theaters gepraat, de andere stadstheaters in Brussel en in Antwerpen, omdat we dachten vanuit al die archieven iets te maken. Maar we hebben dat dan gelimiteerd tot NTGent omdat dat veel te groot was.”

Imke: We wisten dat we iets met het archief wilden doen, maar we wisten ook niet precies wat, want je weet ook niet precies wat er ligt. Dus in maart-april hebben we hier vier weken vooronderzoek gedaan in dat archief. We gingen niet echt met een plan naar binnen, omdat we het archief wilden leren kennen. Dus toen zijn we gewoon allemaal random dozen gaan opentrekken. Zo volgde iedereen zijn eigen fascinatie een beetje, en dat deelden we dan met elkaar. Je zag dat zo langzamerhand steeds meer eigen fascinatielijntjes werden uitgezet. En dan ga je eens kijken: Heeft dat iets met elkaar te maken? En zo ja, hoe? We wilden ook die vorm van een archief — wat zo alomvattend is — graag behouden, dus we wilden het ook niet verkleinen naar één kleine lijn. Want dat is een archief niet. Het is: je trekt deze doos open, daar komt dit uit en daar dat en daar dat. Dus het was ook best een zoektocht hoe je het ding dat een archief is, kunt vertalen naar één voorstelling.”

Bewaren is een belangrijk thema in de voorstelling. Waarom bewaren we zo graag?

Imke: We vertrouwen onze herinneringen niet volledig, dus je wilt ook tastbare spullen hebben die dat weer kunnen aanwakkeren, die dingen kunnen bevestigen, dingen die je was vergeten weer in herinnering kunnen roepen. Bijvoorbeeld al je kindertekeningen: wat doe je daar in vredesnaam mee? Want ik heb alles in een opslag liggen, maar ik ben daar nooit. Ik zou niet eens weten wat er ligt. Maar ik ben toch blij dat het er ligt.”

Mitch: Sowieso denk ik dat de meeste mensen té emotioneel zijn om dingen weg te kunnen gooien, en dat bewaren echt iets mega-emotioneel is. Een archief van een theaterhuis heeft ook heel erg die emotionele kant, maar heeft dan ook een soort zakelijke kant. Er is administratie die nu eenmaal ertoe doet of er ooit toe gedaan heeft die bewaard moet worden, en na een tijd wordt dat dan ook iets emotioneel. Want daar liggen nu ook verslagen en begrotingen waarvan ik denk: daar gaat toch niemand nog naar vragen?

Ik heb sowieso het gevoel: hoe meer gesprekken ik met andere mensen erover voer, dat zo’n theaterarchief eigenlijk exact hetzelfde is als het archief van mijn moeder. Dat is zo sentimenteel, maar tegelijk ook zo rommelig en inconsequent. Soms trekken we dozen open waarvan je denkt: hoezo is dit allemaal bijgehouden? Elke brief die in de jaren 80 door een personeelslid geschreven werd dat die bij een vergadering afwezig zal zijn – waarom ligt dat hier nog? En tegelijk zijn er dingen waarvan we denken: dat moeten we eens checken, want dat ziet er interessant uit, maar die tekst of die video is dan onvindbaar, want die heeft dan blijkbaar niemand bijgehouden. Maar dat heeft ook te maken met wie dat toen toevallig in een kaft heeft gestoken en of die gelabeld is geweest of niet. Andere dingen zijn gewoon toevallig vergeten en door de mazen van het net geglipt en heeft niemand nog.

Maar dat is ook bijzonder. Ik vind het goed dat zo’n archief niet álles heeft, dat je voelt: daar zitten gaten in, daar zitten oninteressante dingen in die echt overbodig zijn, daar zitten keiveel dingen ook in tienvoud tussen. Archiveren is volgens mij hetzelfde als opruimen: elke keer maak je nieuwe regels. Wat zo moeilijk is aan opruimen of aan archiveren is dat de onderzoeksvraag heel onduidelijk is. We denken altijd: wil ik dit nu bijhouden? Maar eigenlijk zou de vraag kunnen zijn: ik zie het nu nog eens terug, maar heb ik zin om het later nog eens terug te zien? Of is dat moment nu gebeurd?”

De waarde van theaterarchieven

Wat was op voorhand jullie beeld van een theaterarchief?

Imke: In de eerste instantie denk je: oh, daar liggen allemaal grote kostuums en decors in een mooi depot. Maar dat ligt er allemaal niet, dus er is ergens een beetje magie die verloren gaat; totdat je die dozen opentrekt en dan begint die magie weer helemaal te leven. Want je verwacht wel dat die teksten daar liggen, maar niet dat er nog zoveel meer ligt, wat echt daar omheen allemaal gemaakt is. Ook in dramatische dossiers of personeelsdossiers zitten nog zoveel interessante verhalen, die niet als verhaal bedoeld zijn. Het was ook spannend om nieuwe dingen te vinden, want je begint met een doos open te trekken van iets wat je vijftien jaar geleden gezien hebt. Maar op een gegeven moment ga je ook juist dingen opentrekken waarvan je echt geen idee hebt wat het is. Dan kan je ineens helemaal hooked zijn op iets waar je twee uur daarvoor nog nooit van had gehoord. Dat vond ik echt heel erg leuk.”

Hoe kijken jullie nu naar je eigen archief?

Gilles: Ik ben daar nu ook heel erg mee bezig, want NTGent maakt dan alle technische plannen voor ons, maar ik ga dat toch ook voor mezelf doen, zodat wij dit ook nog hebben.”

Imke: Ja, het is natuurlijk vooral grappig, want wij doen alles op de Google Drive, wat natuurlijk een heel ander soort archief is. Je legt toch minder van het proces vast, omdat je gewoon uitwist wat je niet goed vindt. Toen we nu in oktober begonnen, had Katelijne (onze regieassistente) allemaal dingen al uitgeprint, ook mails en het script. En dan dacht je: dit is natuurlijk een onderdeel van het proces, dat wij misschien normaal niet echt archiveren, dat nu ineens wel gearchiveerd wordt.”

Gilles: Maar van de teksten hebben we wel alle versies nog. Die hebben we altijd, ook van andere voorstellingen.”

Imke: We zitten ook in een traditie nu. Want als we niet bij NTGent hadden gewerkt, dan kwam onze doos daar niet bij al die andere terecht. Dan zou het alleen op de Google Drive blijven staan.”

Mitch: Ik heb thuis een eigen archiefje, maar wat voor consequenties het heeft van wat er wordt bewaard en wat niet, dat is nog nooit zo scherp voor mij geweest als nu. Ik ben dan blij dat er iemand is zoals Katelijne die veel dingen print. Op zich is Google Drive ook een soort archief, dus wij bewaren daar ook veel. Maar dan zie ik Katelijne alle scripts printen en mails printen en in mappen steken en dan denk ik: dát is echt een archief.”

Imke: Ik vind het leuk dat in dat analoge het werk in zit. Bij het digitale kan je gewoon zoeken met Ctrl + F en daar staat het allemaal. In een archief moet je echt dozen opentrekken, waar in een paar steekwoorden misschien op staat wat erin zit, maar je moet echt veel meer erin duiken. Door dat werk hebben we kunnen maken wat we hebben gemaakt. Dat had niet gekund met de Google Drive.

Wij gingen er natuurlijk heel open in, dus dan kom je ook op heel andere dingen. Als je gewoon Ctrl‑F kunt doen, dan kom je ook geen andere dingen tegen. Ik denk wel dat het voor heel veel doeleinden veel beter is dat het digitaal is, want het wordt veel toegankelijker voor veel mensen, het is makkelijker te gebruiken. Het is alleen heel jammer als je wilt wandelen door het archief.”

Gilles: Het is ook specifiek hoe het ruikt en hoe het voelt. Soms gebruikten ze echt ander papier of weet ik veel. Dat is toch ook wel leuk.”

Wat moet er zeker bewaard blijven in een theaterarchief?

Imke: Dat is een hele moeilijke vraag. Omdat theater natuurlijk bestaat in het hier en nu. Als je een schilderij hebt of een gedicht, dat bestaat gewoon op zichzelf, dus dat kan je veel makkelijker archiveren. Een voorstelling kun je eigenlijk niet archiveren. En toch proberen we dat. Het is leuk dat er iets van overblijft, maar het is het eigenlijk ook niet.”

Gilles: Ja, want zelfs een captatie van de voorstelling is niet de voorstelling.”

Imke: Ja, ik zou dan toch zeggen een captatie, de tekst.”

Gilles: En foto’s. Dat denk ik dan, foto’s van een decor ofzo.”

Imke: En dan toch, als je in het archief bent, zijn zo eigenlijk alle discussies eromheen superinteressant. Terwijl ik dus niet per se vind dat dat bewaard moet blijven. Maar toch is dat soms interessanter dan de voorstelling zelf.”

Gilles: Wat ik wel heel erg heb gemist toen ik in het archief zat — want ik doe mee de scenografie en licht — dat ik dacht: ik vind nergens wat ze hebben gebruikt. Welk soort licht? Hoe was het licht bij die scènes? Dat bestaat allemaal niet. Dus je hebt zo’n foto, twee foto’s van de scène, maar dat is in zwart-wit allemaal. Dus je hebt geen idee welke kleur. Hoe zag dat er echt uit?”

Wat moet er dan overblijven in het archief van deze voorstelling?

Gilles: Ik zou het heel goed vinden als we allemaal apart onze notitieboekjes daar insteken. Dat vind ik spannend, uit welke ideeën alles is samengevloeid. Soms zeg je enkel: ik heb nu dit idee voor dat. Maar van waaruit komt dat, en hoe is dat gekomen, en hoe is dat gegroeid?

Imke: Ja. Je hebt zo twee delen van Stephen Sondheim (musicalcomponist en ‑schrijver) en over hoe hij voorstellingen en nummers maakt. Daarin staan ook veel kopieën van zijn handgeschreven dingen en dan zie je dat dat doorgestreept is. Dat vind ik echt heel leuk. We hebben natuurlijk ook heel veel scènes gemaakt die de voorstelling niet gehaald hebben. Dat zou ook leuk zijn, als dat er inzit.”

Gilles: Of zo die eerste versie, dat is ook spannend. Omdat dat zo’n eerste worp is.”

Imke: Ik kan me voorstellen dat ik dat — als zeg maar liefhebber — leuk zou vinden om te zien van mensen, want je ziet natuurlijk altijd alleen het eindresultaat. Maar als je geïnteresseerd bent in het proces, is dat natuurlijk echt heel erg veranderd.”

Moeten er ook niet-artistieke stukken bewaard blijven?

Gilles: Ja, want ik heb daar heel veel in gezeten, in al die personeelsdossiers. Maar dat is een beetje roddelpers. Oh deze, en die heeft dit meegemaakt. Oh, en dan is dit. En wat is dit? Dat hoort daar ook nog bij. Oh, dit ga ik uitpluizen. Maar daar stond niet wat ze echt hebben gedaan. Gewoon dat ze van dan tot dan in dienst waren en dit zijn dingen die gebeurd zijn.”

Imke: Het zou een beetje het equivalent zijn van dat ze onze WhatsAppgroep zouden archiveren op papier en dat dat in een archief komt te liggen. Ik ben een beetje laat.’ Of ik kom vandaag niet, want ik ben ziek’. En toch … Het zit ook wel in de voorstelling, daar gaat het ook over: moet je kiezen of zit de essentie juist in alles? Dat de waarheid in de details zit. Want het is natuurlijk toch niet echt hetzelfde archief als al die dingen die misschien niet van nut zijn, weg zijn. Het is wel de verzameling van alles, die het maakt. En oké die vergadering is verplaatst van tien naar elf’ is misschien niet interessant. Maar het gegeven dát het er ligt, is toch wel interessant.”

Gilles: Want als je enkel de theaterteksten zou hebben, zou het een heel saai archief zijn. Dan heb je gewoon enkel deze tekst. Nu zit daar zoveel rond. Die ging meespelen, maar die heeft nu toch niet meegespeeld, want die is toch vervangen door die, dat was door die en die reden.”

Welke rol hebben theaterarchieven voor jullie? Kan zo’n theaterarchief een meerwaarde vormen voor nieuwe voorstellingen?

Imke: Specifiek voor voorstellingen weet ik het niet. Het is leuk als mensen dat doen, want wij hebben het enorm naar ons zin, dus ik kan het wel aanbevelen. Maar de waarde ervan – en dat vind ik ook de waarde van repertoire of hoe je het ook wilt noemen – is dat je van dat medium, wat dus alleen in het hier en nu bestaat, een traditie maakt waar je op kunt voortbouwen. Anders is de voorstelling echt weg. Dit is de enige manier waarop je het toch nog, al is het niet eens in volledige vorm, kan bewaren. Dat vind ik dan toch belangrijk, want anders weet je gewoon niet waar je op voortbouwt of waar je je tegen wil afzetten.”

Gilles: Die dingen in het archief an sich, dat was best saai. Maar dan weet je wel dat theater echt is geëvolueerd. Dus je kunt de geschiedenis voelen in die dingen.”

Imke: Dat hebben we eigenlijk op klein niveau ook gedaan bij onze eerste voorstelling, toen we afstudeerden met Who’s Afraid of Virginia Wolf. We hebben echt geprobeerd alle Nederlandstalige versies te zien. Dus overal waar captaties van waren gekeken: Wat doen andere mensen hiermee? Als je dit doet, hoe kun je dan nieuw zijn, of juist niet? Want waarom zou je iets wat heel goed werkt niet gewoon ook nog een keer doen? Dan is het leuk dat er een archief is, hoe groot of hoe klein ook, waar je naar terug kan gaan.”

Mitch: Tegelijk denk ik dat het goed is dat wij hier zo buiten staan, omdat daar zoveel ligt waarvan je voelt: mensen hebben hier zoveel emotionele herinneringen aan, maar wij met heel veel dingen ook niet. Dat was er heel goed aan. Je voelt meteen: het is goed dat wij hier zijn en wij kunnen hier iets mee en tegelijk durven we het ook kapot maken, want er is voor ons niks heilig aan. Repertoire en geschiedenis zijn heel interessant, maar pas op het moment dat je er iets mee kunt dóén. Wij werken graag met repertoire, maar wel op de meest brutale manier.”

Gilles: Soms denk ik: kom, al die oude spullen, laten we dat hergebruiken. Maar langs de andere kant vind ik het ook leuk dat dingen gewoon soms nog zijn zoals ze waren. Als je zegt we hebben vijf keer dit ding’, dan denk ik: oké, hou het één keer bij. En laten we de rest gewoon gebruiken, zodat dat niet gewoon ergens staat te verstoffen. Wat soms ook moeilijk is, omdat je voelt dat mensen emotionele waarde hechten aan iets. Als je dat plots gaat hergebruiken, als we ons decor weggeven aan mensen en wegdoen, dan denk ik ook: we kunnen dit nu nooit meer doen.”

Imke: Ik kan me ook best voorstellen dat er theaterliefhebbers zijn die heel graag dingen uit een archief zouden willen beluisteren of bekijken. Als ik bijvoorbeeld naar tentoonstellingen ga over theater, vind ik dat altijd leuk. Dan denk je: oh, dat kostuum, oh my god. Dan gaat toch die theaterfan in je een beetje aan. Dat zou misschien ook een theaterarchief kunnen doen.”

Meer dan archief

Wat betekent theatererfgoed voor jullie? Is dat enkel het archief?

Gilles: Ik denk dat zelfs wat er is gebeurd in een samenleving daarin hoort, omdat dat vaak resoneert met elkaar. Je hebt ook heel veel krantenknipsels of commentaren op de voorstelling en dat hoort daar ook echt bij, of publieksreacties.”

Imke: Ja, of waar ik bijvoorbeeld aan moet denken — en dat is een heel stom voorbeeld, maar het is wel heel veelzeggend — dat jaren geleden in Nederland musical echt heel populair was. En dan kon je dus gewoon sparen voor je tweede kaartje gratis bij de Albert Heijn. Dat zegt wel heel veel over wat voor plek iets inneemt. Als ik dan over een archief of erfgoed zou moeten nadenken, dan zou ik ook dat soort dingen erin zetten. De spaarkaart van de Albert Heijn.”

Mitch: Er is een verhaal dat Fabrice [Delecluse, die mee de voorstelling maakte] ooit op de toneelschool een productie was aan het repeteren, maar er was nog geen decor. En de regisseur zei heel de tijd tegen Fabrice, die als een lakei of bode moest opkomen: Jij gaat langs daar opkomen, en er gaat een deurtje zijn, dus je moet bukken om binnen te gaan.’ Fabrice heeft dat weken zo moeten repeteren, terwijl dat deurtje daar niet was. En hij zei: Ik heb eigenlijk 1 wens voor het decor nu, dat we een klein deurtje hebben. Dat ik eindelijk alles kan doen wat ik toen geoefend heb.’ Dus nu hebben we een deurtje in het decor zitten, precies op dat formaat.”

Imke: Zo’n verhaal ligt dus niet in het archief, maar is toch een soort archief, een verwijzing naar iets van eerder dat we er dus opnieuw inzetten. Dat is dan heel leuk, want je kunt die dingen in het archief openslaan, je kunt dat lezen. Maar dan voel je nog zoveel verhalen die niet in het archief terechtkomen, maar die via Fabrice er weer ingekomen zijn, waardoor je bijvoorbeeld ervoor kiest om de originele bron niet te gebruiken, maar wel het verhaal dat eraan vasthangt of de roddel. Ze hebben hier ook de site van het archief waar ze dit soort verhalen op zetten. Dus zij zijn zich er wel van bewust blijkbaar dat die ook van waarde zijn.”

Vallen tradities en praktijken daar ook onder?

Imke: Ja, dat denk ik wel.”

Gilles: Ja, bijvoorbeeld het zaallicht dat uitgaat, of er is plots decor vanachter, of een verlaagd podium. Dat zijn dingen die langzaam zijn gegroeid, maar die wel tekenend zijn voor bepaalde tijden.”

Imke: Of alleen al het feit dat heel veel theaters geen voordoeken meer hebben die dicht zijn aan het begin van de voorstelling.”

Gilles: Hoe mensen naar theater komen ook. Want vroeger was dat: ik ga mij opkleden, ik ga speciaal naar theater. En nu heb je soms geen tijd en ga je gewoon met je jogging aan. Om het theater van nu te bewaren, heb je alle aspecten errond nodig, ook dat livegegeven. Als je een schoolvoorstelling gaat spelen, dan weet je dat je anders moet spelen. Zelfs dat mensen naar een voorstelling komen en iemand heeft een slechte dag gehad en ze vinden het dan verschrikkelijk. Maar als iemand een goede dag had, dan is het goed.”

Hoe kun je die aspecten vastleggen of doorgeven? Denken jullie ook na hoe je kennis kunt doorgeven, zoals acteertechnieken?

Imke: Ja, dat zal deels vastleggen zijn. Aan een foto kun je wel iets zien natuurlijk. Over bijvoorbeeld speltechniek wordt ook wel geschreven. Dat vind ik altijd moeilijk om te lezen, omdat ik het ook iets intuïtiefs vind, dus ik heb er niet altijd iets aan. Lesgeven is ook heel belangrijk daarin.”

Gilles: En ook stages, dat mensen stage komen doen. Dat je gewoon kunt uitleggen: zo ben ik bezig, zo werk ik.”

Imke: Ja, ik denk dat dat heel nuttig is en dat we ook heel duidelijk zeggen: dit is onze manier van werken en er zijn er heel veel, maar we nemen jullie even mee in hoe wij het doen. Dan is het leuk dat daar verschillende dingen naast elkaar bestaan, dat ze ook van iemand die heel anders werkt les krijgen. Je moet heel veel verschillende dingen laten zien of laten proberen en dat mensen dan denken: dit vind ik leuk of dit werkt voor mij en dan … Ik zou het heel gek vinden dat ik bijvoorbeeld zou lesgeven op een manier waarop ik zelf helemaal niet werk. Waarom zou ik dat doen? Dat doe ik zelf niet eens.

Je merkt ook wel door hier te werken dat verhalen blijven vertellen daarrond gewoon heel leuk is. Je voelt je dan toch een beetje de fan of de nieuwe generatie. Het is gewoon leuk om de verhalen te horen van hiervoor op alle gebieden eigenlijk.”

De voorstelling Nooit nooit speelt van 27 november tot 5 december 2025 in NT Gent en gaat begin 2026 op tournee. Alle tourdata vind je op de website van WOLF WOLF.

Ook interessant

11 dec 2025

re#encounter: Muzikale ontmoetingen tussen traditie, innovatie en gemeenschap

Robbe Latré vertelt over  re#encounter, een Brusselse formatie die met een mix van trance, jazz en stedelijke invloeden een ruimte creëert waarin muz…
Lees meer
Arthur Prinsen staat voor een noteertrommel, een houten cilinder waarrond papier gespannen wordt om er vervolgens gaatjes in de prikken. Op die manier worden orgelboeken gemaakt.
09 dec 2025

Muziek maken uit karton

 Restaurator Jolien Paeshuys ging in de leer bij Arthur Prinsen om orgelboeken handmatig te componeren, te tekenen en te kappen.
Lees meer
28 nov 2025

Registreer jouw archief of collectie tijdens de Week van de Belgische Muziek!

We roepen iedereen die bezig is met Belgische muziek - ongeacht genre, beroep, leeftijd ... - op om muziekerfgoed vindbaar te maken tijdens de Week v…
Lees meer
Jonge vrouw met lang zwart haar, een blauwe trui en jeansbroek. Ze maakt een video van zichzelf terwijl ze danst. Haar smartphone staat op een statief voor haar. Achter haar een grijze muur met ruiten in neonlicht.
27 nov 2025

Verslag webinar “Hoe gebruik je sociale media om dans zichtbaar te maken?”

30 deelnemers van verschillende dansgroepen en -genres kregen tijdens het webinar zowel inspirerende voorbeelden uit onderzoek als praktische tips.
Lees meer