Home Nieuws Dwi Mekar: een familie die Balinese dans laat blo…

Dwi Mekar: een familie die Balinese dans laat bloeien

Dwi Mekar is de dansschool van Eka Santi Dewi, dansleerkracht uit Bali, en haar man Maarten Scott, een Vlaming die zijn weg vond naar de Balinese cultuur via een fascinatie voor de muziek. De naam van de school 'Dwi Mekar' betekent 'twee die bloeien’ en verwijst naar de verbinding tussen twee mensen die hun krachten bundelen om samen iets moois te laten bloeien. CEMPER ging in gesprek met Eka, Maarten en hun dochter Ayu over het doorgeven van Balinese dans in Vlaanderen. 

Eka, Maarten en hun dochter Ayu van dansschool Dwi Mekar | © Yelena Hessels

Een familie, een missie

Eka Santi Dewi groeide op in de nabijheid van een befaamde oom, I Nyoman Durpa, maskerdanser en dansleraar, die van dorp tot dorp trok om les te geven. Maarten Scott leerde hem kennen bij een optreden in De Singel in Antwerpen en reisde hem achterna naar Bali. Daar hielp hij I Nyoman om een dansschool op te richten in Singaraja en zo raakte hij verweven met de Balinese dans- en muziekwereld. Daar leerden Eka en Maarten elkaar kennen, ze trouwden in 2001 en vestigden zich in 2011 in België. 

Voor Eka was het niet altijd gemakkelijk om in België haar plaats te vinden. ​“Ik miste de traditie en mijn leerlingen”, zegt ze. ​“Ik heb op Bali zo’n 200 leerlingen moeten achterlaten.” Ook wilde ze haar kinderen de cultuur meegeven en zorgen dat ze zouden kunnen meedoen iedere keer dat ze naar Bali gaan. Daarom begon ze thuis met het geven van danslessen aan een handvol kinderen, Ayu en haar vriendinnen. Al snel groeide de groep, ook met andere kinderen uit de Balinese gemeenschap. Ze kregen een zaal ter beschikking in De Bengel op de Grote Markt in Antwerpen. Tijdens de coronapandemie schakelden ze over op online lessen, en bleek dat afstand geen hinderpaal meer hoeft te zijn. Vanaf dan sloten ook leden uit het buitenland zich aan. Op dit moment gaan er twee keer per week danslessen door, één keer fysiek in een vaste zaal in Antwerpen, en één keer online. Ayu groeide op met de dans, zowel op Bali als in België, en assisteert nu bij de lessen. 

Balinese dans en muziek

Wat is het?

Balinese dans is aards en gecentreerd. De danser vertrekt altijd vanuit twee vaste basisposities, agèm kanan en agèm kiri, waarbij de voeten stevig op de grond staan en het gewicht rust op respectievelijk de rechtervoet of op de linkervoet. De ellebogen bevinden zich veelal hoger dan de handen. De overgangen tussen posities worden tandang genoemd en de expressie, de ziel van de dans, heet tangkep. Die expressie zit volledig in de ogen. Terwijl de danser optreedt, mogen de tanden niet zichtbaar zijn en vertellen de ogen of een personage blij, droevig of strijdlustig is. ​“Agèm, tandang en tangkep zijn de drie pijlers van de Balinese dans”, aldus Eka. Het geheel is een verfijnde taal die jarenlange oefening vraagt. ​“Je ziet het niet,” zegt Maarten, ​“het lijkt allemaal moeiteloos. Maar die schijnbare eenvoud is het resultaat van enorme toewijding en fysieke inspanning.” 

Balinese dans is onlosmakelijk verbonden met gamelanmuziek, een orkest van geslagen metalen instrumenten, gongen en fluiten dat pentatonisch gestemd (vijf tonen per octaaf) is en bestaat uit vijf tot veertig muzikanten. Elke gamelan heeft een unieke stemming, afgestemd op de bouwerstraditie van dat specifieke orkest. Die rijkdom aan diversiteit is, volgens Maarten, één van de mooiste kenmerken van de traditie, maar ook één van de meest kwetsbare, nu jongere generaties neigen naar een gestandaardiseerde conservatoriumstemming. 

In de Balinese muziek wordt een melodie nooit door één instrument of door alle muzikanten tegelijk gespeeld. In plaats daarvan wordt ze opgesplitst in twee of meer complementaire partijen, elk met hun eigen fragmenten, korte nootjes die op het eerste gezicht onvolledig lijken. Pas wanneer de verschillende spelers hun partijen gelijktijdig uitvoeren, vloeien die losse stukjes naadloos in elkaar over en ontstaat de volledige melodische lijn. Dit principe heet kotekan. 

De ogen vertellen of een personage blij, droevig of strijdlustig is | © Baljinnyam Myagmarsuren

Achtergrond en context 

Om Balinese dans te begrijpen, moet je terug naar het begin. ​“Als je kijkt naar de geschiedenis, dan is Indonesische dans een expressie van het hindoeïsme”, aldus Maarten. Een religie die vanuit India zijn weg vond naar Java. Toen islamitische koninkrijken opkwamen, trok deze cultuur zich terug naar Oost-Java en uiteindelijk naar Bali, waar ze ​“tot vandaag het sterkst bewaard is gebleven”. 

Maarten ziet daar een reden voor in de geschiedenis van Bali. Bali is een eiland dat zich al eeuwen omringd ziet door andere geloven en machten, van islamitische koninkrijken tot kolonisatoren en Japanse bezetters, en later een plek moest vinden als kleine hindoeïstische enclave binnen het overwegend islamitische Indonesië. Tegelijkertijd stonden delen van Bali ​“slechts” vijftig jaar onder koloniaal bestuur, waar de Nederlandse kolonisatie in andere delen van Indonesië 300 tot 350 jaar duurde. Die relatieve vrijheid liet ook sporen na. Maarten omschrijft het zo: ​“De Balinezen hebben een heel sterke cultuur en zijn erg gefocust op het verder beschermen en bewaren van hun tradities, omdat ze altijd protectief moesten zijn ten opzichte van invloeden van buitenaf. Ook nu, met het toerisme dat Bali overstelpt en andere invloeden meebrengt.” 

Lesgeven tussen twee werelden

Op Bali leer je dansen door te kijken en te imiteren. Kinderen groeien op met de dans als deel van het dagelijkse leven: elke ceremonie, elke familietempel, elk dorpsfeest biedt een context om te bewegen, te observeren en langzaam te absorberen. Niveauverschillen zijn er, maar die zijn onderdeel van het proces. ​“Bij een familietempel treden kinderen op die nog maar net begonnen zijn. Zonder stress, want het is voor de ceremonie, voor iedereen samen”, legt Maarten uit. 

Hetzelfde geldt voor de muziek, die wordt niet overgedragen via partituren. Notaties bestaan wel maar worden nauwelijks gebruikt. Het is de orale traditie die Maarten zo aantrok in de Balinese muziek. Als klassiek geschoolde pianist en violist botste hij op een gegeven moment op de partituur. Hij wilde ​“echt muziek maken, en niet muziek naspelen”. Op Bali vond hij wat hij zocht. ​“Ze schreven niks op”, zegt hij. ​“En het werkt op één of andere manier.” Musici voelen elkaar aan, vinden samen het tempo en bouwen samen een soort patchwork dat toch klopt. 

De manier van doorgeven staat echter meer en meer onder druk. YouTube en sociale media zorgen ervoor dat musici steeds vaker leren via schermen in plaats van via mensen, en daardoor ​“neigen ze meer naar de standaard”, zoals Maarten het omschrijft. Dit gaat ten koste van de diversiteit. 

In Vlaanderen werkt het sowieso anders. Leerlingen kennen de muziek niet van jongs af aan, leven niet in een omgeving waar de dans overal aanwezig is en moeten de bewegingen bewuster aanleren. Eka past haar aanpak aan: meer technische uitleg, meer tellen, meer herhaling. ​“Hier moet je meer nadenken”, zegt Ayu. ​“Op Bali kijk je en volg je. Hier zit het meer in je hoofd.” 

Technologie helpt die kloof gedeeltelijk te overbruggen. Ayu maakt vaak registraties van de optredens en de repetities. Opnames belanden op een harde schijf en beelden gaan naar Instagram, maar dienen ook als leermiddel tijdens de lessen zelf: studenten bekijken hun eigen opnames en werken gericht aan verbetering. Kijken en imiteren, het principe van dansles op Bali, krijgt op die manier toch een plaats, zij het via een scherm.

De dansschool in Antwerpen telt momenteel zo’n dertig leerlingen, met leeftijden van zes tot zestig, uit Antwerpen, Gent, Nijmegen, Utrecht en zelfs Zwitserland. Een student uit Zürich volgt wekelijks online les en reisde enkele maanden geleden speciaal naar België om mee te dansen tijdens een ceremonie in de Balinese tempel van Pairi Daiza. ​“Ze heeft het goed gedaan”, zegt Ayu, zichtbaar trots. ​“Online overbrengen is niet evident, maar de motivatie was er.” 

De tempel als anker

De Balinese tempel van Pairi Daiza speelt een bijzondere rol in het verhaal van Dwi Mekar. De tempel is naar verluidt de grootste Balinese tempel buiten Indonesië. De eigenaar van de dierentuin, een liefhebber van de Balinese cultuur, stelde de tempel ter beschikking van de gemeenschap. Vijf tot zes keer per jaar organiseert de Balinese gemeenschap er ceremonies, waarbij de leerlingen optreden. 

Die momenten hebben een betekenis die verder reikt dan dans alleen. Voor Balinezen die in België wonen en ver van hun roots leven, is de aanwezigheid van een tempel een anker. ​“Sommigen zitten met tranen in de ogen”, zegt Maarten. ​“Ze kunnen iets doen wat ze enorm missen. Die balans die uit je getrokken werd, die komt op zo’n moment even terug.” 

Dit laat zien dat het doorgeven van immaterieel erfgoed, en in dit geval dans en muziek, niet in een vacuüm bestaat. Het heeft een fysieke omgeving nodig. De tempel bepaalt mee hoe er bewogen wordt en welke betekenis dit krijgt. Buiten het land van herkomst ontbreekt die omgeving soms, en dit kan een drempel vormen bij het doorgeven van de traditie. Je kunt de bewegingen leren, de kostuums laten overkomen, de muziek spelen, maar een plek is moeilijk te vervangen. De aanwezigheid van een Balinese tempel is dus geen bijzaak. De tempel maakt het mogelijk om de dans te beoefenen in een context die er voor de gemeenschap toe doet. 

De optredens bij de tempel zijn meer dan een dansshow. Ze zijn een sociale gebeurtenis, een moment van samenhorigheid. Eka verwoordt het zo: ​“Niet alleen het optreden maakt ons gelukkig. Ook het samenzijn. Babbelen, lachen, elkaar helpen met schminken.” Het samen schminken voor een optreden — een proces dat al snel anderhalf uur in beslag neemt — met geel, rood en blauw op het gezicht, is op zichzelf al een ritueel van verbinding. 

De Balinese tempel van Pairi Daiza speelt een bijzondere rol in het verhaal van Dwi Mekar | © Kembara Studio

Optreden en zichtbaarheid

Dwi Mekar treedt niet alleen op bij ceremonies bij de tempel maar ook bij bruiloften en recepties, op straatfestivals, in culturele centra, bij Aziatische en Indonesische festivals en in restaurants. Ze treden op met één danser of met vijf, zes of meer. Ze combineren dans vaak met live gamelanmuziek, dankzij de samenwerking met een Balinese muzikant die in Brussel woont. 

Vorig jaar trad de groep op in Barcelona met het in Barcelona gevestigde gamelanorkest. Ook door een Parijse gamelangroep worden ze regelmatig gevraagd als dansers. Ze traden verder al op in het Red Star Line Museum en worden gevraagd door ambassades voor officiële evenementen. ​“We krijgen enorm veel goede reacties”, zegt Maarten. ​“Op alle gebieden is er interesse.” 

Ook online bouwt de school aan haar zichtbaarheid. Ayu beheert de Instagrampagina van Dwi Mekar, filmt optredens en repetities en plaatst ze regelmatig online. De reacties vanuit de Balinese gemeenschap zijn warm: ​“Ze zijn heel fier. Een stukje Bali buiten Bali. Je ziet wel dat het enorm geapprecieerd wordt vanuit Bali”, aldus Ayu. De digitale aanwezigheid heeft ook leerlingen opgeleverd die via sociale media de weg naar de school vonden. 

Een levende traditie, ook ver van huis

De danstraditie is op Bali constant in beweging: er is een conservatorium waar studenten elk jaar nieuwe creaties maken als eindwerk, er zijn grote dansfestivals waar regio’s met elkaar in competitie gaan, en elke generatie brengt nieuwe invloeden in, ook westerse ritmes of Indiase melodieën, zonder de basis te verloochenen. ​“Het is een levende kunst”, zegt Maarten. ​“Ze zijn constant nieuw aan het creëren, maar de basis blijft hetzelfde.” 

Dwi Mekar draagt die dynamiek ook naar Vlaanderen. Eka maakt zelf nieuwe choreografieën, met eigen kostuums en muziek gezocht via YouTube. Er zijn drie soorten dans, waarin je verschillende mate van vrijheid kunt nemen: de heilige dans uitsluitend voor ceremonies, de rituele begeleidingsdans en de seculiere dans voor een breed publiek, elk met eigen kostuums, make-up en betekenis. ​“Het is niet zo dat je in een tempel westerse muziek gaat spelen, dat kan niet gebeuren”, aldus Maarten. 

Meer dan een dansschool

Voor Eka, Maarten en Ayu is het doorgeven van de traditie geen plicht maar een behoefte. Voor Eka was en is het een manier om in België een thuis te creëren en de link met Bali te behouden. Ze mist die connectie, het ongedwongen samenzijn en de rol die dans en muziek speelt in het dagelijkse leven. ​“Hier is het zo stil. Iedereen leeft hier alleen, in zijn eigen huis, heel individueel. Als je iemand wil zien, moet je dat eerst plannen. Daar in Bali gaat dat meer vanzelf.” Daarom is Dwi Mekar voor de initiatiefnemers en de leden naast dansschool ook een gemeenschap. De leerlingen komen niet alleen voor de techniek, maar ook voor de verbinding met elkaar en de betekenis van de traditie. 

Dansen vormt voor Eka een manier om in België een thuis te creëren | © Baljinnyam Myagmarsuren

Dit praktijkvoorbeeld maakt deel uit van onze reeks over Muziek en podiumkunsten tussen culturen. In 2025 en 2026 interviewt CEMPER verschillende (ondersteuners van) beoefenaars binnen de muziek en podiumkunsten die actief zijn in de overdracht van erfgoed tussen culturele contexten.

Ook interessant

15 sep 2026

Van bouzoukivaart naar cahier: de Griekse muziekcultuur van Antwerpen in beeld

De bouzoukivaart in 2023 vormde de start van een breder traject. Eén van de resultaten: een cahier van Muziekmuseum Vleeshuis over de bouzouki en de …
Lees meer
26 aug 2026

Van abstract idee tot zintuiglijke beleving: de ontwikkeling van de BeiaardBox

Living Heritage Journeys exploreert betekenisvolle en duurzame manieren om immaterieel erfgoed samen te brengen met toerisme.
Lees meer
25 aug 2026

Partituren, tijdscapsules en een documentaire: Ictus bewaart het erfgoed van Georges-Elie Octors

De geannoteerde partituren van Georges-Elie Octors vormden het vertrekpunt van het nalatenschapsproject door Ictus ensemble.
Lees meer
22 jun 2026

Verslag | Algemene Vergadering van de UNESCO-Conventie van 2003 en accreditatie voor CEMPER

Tijdens de 11e General Assembly van de UNESCO-Conventie van 2003 werden we officieel geaccrediteerd als niet-gouvernementele organisatie.
Lees meer