Home Nieuws Hoe Amoukanama circus doorgeeft over grenzen, cul…

Hoe Amoukanama circus doorgeeft over grenzen, culturen en generaties heen

Amoukanama vzw stelt zich op haar website voor als “circus connecting Europe and Africa”. Dit artikel verkent, op basis van een gesprek met Nathalie Vandenabeele en Facinet Camara van Amoukanama, die verbinding: hoe circus in Guinee ontstond en doorgegeven wordt, wat de verschillen zijn met de Vlaamse circuswereld, en hoe Amoukanama werkt aan kennisoverdracht, ontmoeting en beeldvorming.  

Amoukanama met 'FA' op het Out There Arts festival | © Kat Mager

Nathalie, Facinet en Amoukanama

Achter Amoukanama schuilen verschillende levensverhalen die elkaar vonden in de passie voor circus. Nathalie Vandenabeele is een Belgische die na een opleiding als bio-ingenieur via paarden haar weg vond naar de circuswereld. Facinet Camara is een Guinese acrobaat en porteur (drager) die in 2012 zijn eerste stappen zette in de acrobatie in de buurt van Matam in Conakry, Guinee. 

Nathalie leerde Facinet en zijn collega’s kennen tijdens een paardenshow met Cavalia in Frankrijk. Ze besloot hen te volgen naar Guinee en verbleef daar vier maanden. Ze was diep onder de indruk van wat ze zag: Ik was echt zo geraakt door de generositeit en het enorme talent. Het is echt verbazingwekkend wat zij leren zonder veel begeleiding, zonder veiligheid, zonder longe (een veiligheidssysteem dat bestaat uit een gordel en een lijn, gebruikt door luchtacrobaten om hen te zekeren bij trucs op grote hoogte, red.), zonder matten zelfs.” 

In 2016 bundelden Nathalie en haar toenmalige partner hun krachten met de Guinese acrobaten. In 2017 richtten ze officieel Amoukanama op: een vzw in België met linken in Guinee. De naam komt uit het Soussou, een taal die gesproken wordt in Guinee, en zoiets betekent als iets dat niet breekt, blijft altijd bestaan.’ 

Facinet startte in 2012 met circus vanuit een wil om iets te maken van zijn leven. Voor studeren was er te weinig geld. Ik zag mijn oom, Ballamoussa Bangoura, een geoefende acrobaat, en dacht: ik ga proberen mij bij hen aan te sluiten zodat ik dat vak kan leren.” Hij is nu betrokken als artiest bij Amoukanama vzw en is erg gedreven om andere jongeren in Guinee dezelfde kansen te geven als die hij heeft gekregen. 

Vandaag is Amoukanama waarschijnlijk het enige gezelschap in België dat werkt met overwegend Guinese circusartiesten. De ploeg bestaat uit Nathalie, Facinet en enkele andere artiesten die over heel Europa verspreid zijn. Ze werken samen aan voorstellingen, workshops en educatieve projecten, in België en Guinee. 

Circus in Guinee: oorsprong en evolutie

Het circus in Guinee, zoals we het vandaag kennen, bestaat pas sinds enkele decennia. Acrobatie maakte vroeger al deel uit van traditionele ceremonieën en feesten. In de dorpen werd muziek gespeeld en gedanst met veel acrobatische bewegingen. Maar circus als aparte discipline, dat begon met Circus Baobab”, aldus Nathalie. Circus Baobab is een rondreizend circusgezelschap uit Guinee. Het ontstond in 1998 vanuit het Centre National d’Art Acrobatique de Guinée. Het project werd opgestart met steun van het Guinese ministerie van Cultuur en in samenwerking met Franse circusprofessionals, onder wie Pierrot Bidon. 

Pierre Bidon gaf een jaar lang intensieve opleidingen aan Guinese jongeren in uiteenlopende circustechnieken: jongleren, de perche (waarbij een artiest op een lange paal balanceert), trapeze en acrobatie. Die kennisoverdracht werkte als een katalysator. Vanuit die eerste generatie jongeren verspreidden de technieken zich via meester-leerlingrelaties en hechte gemeenschappen die samenleven en intensief oefenen. 

De circusvorm zoals die nu bestaat in Guinee is dus ontstaan uit vermenging. Nathalie verwijst naar de manier waarop internationale circustechnieken zich in Guinee vermengden met lokale dans‑, muziek- en acrobatische tradities. Circus is altijd een soort kruisbestuiving van heel veel culturen. Maar Guinees circus heeft daarin zeker zijn eigenheid behouden.” 

Vandaag zijn Guinese circusartiesten wereldwijd actief: in Noord-Amerika, Canada en Europa. Toch hebben veel beginnende artiesten moeten vechten voor de erkenning van hun vak. Heel veel ouders waren ertegen wanneer ze hoorden dat hun kind met circus begonnen was. Ook omdat ze het niet kenden en zich afvroegen: waar is mijn zoon nu mee bezig? Sommige jongeren moesten zelfs verhuizen. Circus was echt een rariteit”, aldus Nathalie. 

Intussen is dat veranderd. Families zien nu hoe circusartiesten reizen en een inkomen verdienen dat hun gezinsleven kan veranderen. Circus is niet langer een curiositeit, maar een mogelijke weg naar een beter leven. 

Circus in Guinee: technieken en specialisaties

De Guinese circuswereld kent enkele uitgesproken specialisaties. De eerste is grondacrobatie of tumbling: flips, backflips en salto’s. De tweede is menselijke piramides, zoals de collone à trois, waar drie mensen op elkaar worden gestapeld in een menselijke kolom. Ook partneracrobatie is kenmerkend voor Guinese circuskunst: een drager draagt, gooit en vangt, terwijl een vlieger salto’s maakt, handstanden uitvoert op de handen van de partner of van diens schouders springt. De meest voorkomende techniek binnen partneracrobatie is de banquine, hierbij gooien twee of meer dragers samen een vlieger hoog de lucht in. Bij de perche balanceert een acrobaat op een lange stok die door een partner gedragen wordt. 

Muziek, met name percussie, en dans zijn onlosmakelijk verbonden met de Guinese circustraditie. Veel acrobaten spelen ook een instrument. Facinet speelt bijvoorbeeld kora, een snaarinstrument uit West-Afrika. In Guinee trainen de djembefola, de percussionisten, samen met de acrobaten. Dat geeft enorm veel energie”, legt Nathalie uit. 

Wat Guinese acrobaten onderscheidt, is niet alleen hun techniek, maar ook de manier waarop ze de kunstvorm belichamen: Ze hebben een enorme energie en kunnen de mensen echt meenemen in wat ze doen. Circusartiesten komen hier meer vanuit het mentale: Ik moet een verhaal hebben, een dramaturgie.’ Terwijl het voor Guinese circusartiesten veel meer intuïtief en instinctmatig is, meer vanuit het hart”, vertelt Nathalie. 

Twee werelden van circus

Leeromgeving en materiaal 

Het meest opvallende verschil tussen Vlaanderen en Guinee is de context waarin circus wordt geleerd en doorgegeven. In België zijn er goed uitgeruste zalen met matten, longes, veiligheidsmateriaal én gestructureerde opleidingen. In Guinee was, en is voor velen nog altijd, het strand de belangrijkste trainingsplek. Zoals Facinet vertelt: Bij ons is er niet veel uitrusting qua materialen. We werkten op het strand. Nu we samenwerken met de compagnie proberen we ook materiaal te voorzien voor de mensen die daar nog trainen, voor meer veiligheid.” Die beperkte infrastructuur vraagt veel van artiesten, maar vormt tegelijk hun fysieke basis. Trainen op zand vraagt meer kracht, controle en uithoudingsvermogen. Als je op zand een salto kunt doen, kun je het overal”, aldus Nathalie. 

Pedagogiek 

De leertrajecten zijn fundamenteel anders. In de Europese circustraditie wordt alles meer stap voor stap opgebouwd, volgens Nathalie. Het is methodisch, omkaderd en veilig. In Guinee is de aanpak meer intuïtief en onmiddellijk. Het gaat daar meer om moed. Je doet het of je doet het niet. Er is niet een heel opbouwproces met allerlei oefeningen totdat je klaar bent om die oefening te doen.” Het leren gebeurt door te doen, met vallen en opstaan, en dus ook met de nodige risico’s. Facinet beschrijft zijn eigen traject eerlijk: Mijn leerproces was niet makkelijk. Ik heb blessures gehad, ik ben meerdere keren gevallen voordat het me lukte. Soms lag ik een maand stil. Maar je moet je concentreren, luisteren, en heel veel oefenen, dan kun je snel vooruitgaan.” 

Het meester-leerlingmodel 

In Guinee wordt kennis overgedragen via het principe van maître et élève: een artiest met meer ervaring begeleidt jongere leerlingen, niet via gestructureerde lessenreeksen maar informeel, na of tijdens een gezamenlijke training. Facinets eerste meester was Ibrahim Asoui Kamara, die hem de basis van acrobatie bijbracht. Dat model is heel anders dan de geformaliseerde circusopleidingen in België en elders in Europa, maar volgens Nathalie en Facinet minstens even effectief voor wie de discipline en motivatie heeft. 

Sociale context 

Misschien wel het grootste verschil is de sociale en economische context. Europese circusstudenten kunnen zich vaak vanzelfsprekender concentreren op hun opleiding. Guinese jongeren trainen dikwijls naast andere verplichtingen: ze runnen kleine zaakjes om te overleven, zorgen voor zichzelf en vaak ook hun familie, en dragen verliezen – van geliefden en medeartiesten — met zich mee. Jongeren in Guinee moeten niet enkel denken aan de training, maar ook aan: Waar ga ik vandaag eten? Waar ga ik vandaag slapen? De meesten zijn wees. Dat is een heel ander perspectief.” Die precaire context maakt de prestaties des te opmerkelijker. Het legt ook bloot waarom circus voor hen meer is dan kunst: het is een uitweg, het biedt structuur en een gemeenschap. 

Overdacht van circus door Amoukanama

Voorstellingen 

De kern van het werk van Amoukanama zijn de voorstellingen. Het gezelschap speelt op straat, op festivals, in theaters en in scholen. Elke setting vraagt een andere aanpak, maar steeds staat de energie van de Guinese acrobaten centraal. Afhankelijk van de context krijgt het publiek ook meer achtergrond mee over de culturele tradities waaruit de voorstellingen groeien. 

Voor Nathalie is dat belangrijk, omdat het publiek zo een ander beeld krijgt van Afrikaanse jongeren dan de stereotiepe beelden die vaak circuleren. Ze wil tonen hoe krachtig en levendig die cultuur is: de openheid, de energie en de spontaniteit die in de dans en acrobatie vervat zitten. Vaak gebeurt die overdracht echter vanzelf, zonder veel uitleg. De fysieke kracht, de speelsheid en de directheid van de performers nemen het publiek meteen mee. 

Nathalie merkt hoe de afstand tussen publiek en artiesten tijdens een voorstelling snel verdwijnt. Mensen die aanvankelijk terughoudend of gereserveerd reageren, knopen na afloop spontaan gesprekken aan. Kinderen raken onder de indruk, toeschouwers zijn nieuwsgierig. Zo ontstaat er een veel directere en menselijkere ontmoeting dan wanneer mensen elkaar gewoon op straat zouden passeren. 

Workshops en schoolbezoeken 

Amoukanama werkt ook vaak samen met scholen, via workshops waarbij acrobaten en leerlingen elkaar ontmoeten. Het gezelschap kreeg Europese middelen binnen het project Connect for Global Change voor een format waarbij leerlingen van de arbeidsmarktfinaliteit een object of een decorelement maken, dat de acrobaten dan gebruiken tijdens de voorstelling. Naast circus zijn er ook percussieworkshops en dialoog. Ze gebruikten tijdens het laatste schoolproject klimaat’ als breed thema om jongeren te motiveren om na te denken over hun toekomst en hun dromen. We werken echt samen met de jongeren en vragen hen: kunnen jullie iets bouwen voor ons? Ondertussen laten we hen nadenken.” 

Documentaire 

Na het zien van een Afrikaanse film op het filmfestival in Gent dacht Nathalie: Het zou tof zijn om de acrobaten en wat zij doen in Guinee te kunnen documenteren.” Ze nam contact op met documentairemaker Marjolijn Prins. In 2019 reisde zij naar Guinee en ontmoette daar de negenjarige Fanta, het jongste en op dat moment enige meisje in de groep van acrobaten. Nadien keerde de regisseur meerdere keren terug om het verhaal van Fanta te verdiepen en te filmen. 

De film ontwikkelde zich tot een hybride documentaire waarin Fanta’s verhaal wordt verteld via een mix van documentaire en fictieve elementen en kreeg de titel Fantastique. Fantastique ging in augustus 2025 in première op het Internationaal Filmfestival van Locarno, werd genomineerd voor een Ensor en is te zien in verschillende Belgische cinema’s vanaf september 2026

Werk in Guinee 

Naast het werk in België en in andere Europese landen, waar ze soms touren met voorstellingen, blijft Amoukanama actief in Guinee. Het gezelschap organiseert er workshops, geeft taallessen en ondersteunt lokale creaties. Een team is er momenteel actief op evenementen en recent vertrok een groep naar Turkije voor een grote opdracht. 

De waarde van circus: hier en in Guinee

In Guinee: een uitweg 

Voor Guinese jongeren biedt circus veel meer dan een artistieke opleiding. Het geeft richting, structuur en een familie. Het biedt voor sommige jongeren een alternatief voor armoede, criminaliteit of uitzichtloosheid. De mensen met wie wij werken: die willen, willen, willen. Ze vinden iets dat ze graag doen en gaan ervoor.” Nathalie voegt hieraan toe dat de transformatie ook de familie raakt: Een artiest die reist en verdient, verandert het leven van zijn hele omgeving.” 

In Vlaanderen: het lichaam en de ontmoeting 

In de Vlaamse samenleving waarin mensen veelal vanuit het hoofd werken, biedt circus een tegenwicht. Natalie legt dit uit: Je ziet de mensen soms over straat lopen alsof ze geen lijf hebben. Circus werkt in het algemeen meer vanuit het hart. En dat zijn de voorstellingen die mensen kunnen raken en even uit hun hoofd halen.” Het haalt mensen uit hun mentale routine en brengt hen in contact met hun lichaam, hun energie en de ander. Circus spreekt ook een universele en laagdrempelige taal. Het overstijgt taalbarrières, culturele achtergronden en sociale klassen. Vooroordelen lossen op en barrières vallen weg. Kinderen met een migratieachtergrond zien andere rolmodellen op de scène. Dat is heel krachtig. Ze zien dan ook een keer mensen met een andere achtergrond bewonderd worden en in hun kracht staan.” 

Uitdagingen

De grootste uitdaging voor Amoukanama is administratief: Afrikaanse artiesten een visum laten verkrijgen voor België. Nathalie heeft drie jaar gevochten om dat voor de Guinese artiesten te regelen. België heeft formeel een cultureel visum, maar in de praktijk werkt dat nauwelijks. We hebben het uiteindelijk via Frankrijk gedaan, omdat daar een passeport talent bestaat, specifiek voor artiesten. Naast visa zijn er ook de uitdagingen van het kleine team: alles zelf dragen, van productie tot communicatie en coaching. En het gebrek aan documentatie van wat in Guinee leeft en gemaakt wordt. 

Toekomstdromen

Amoukanama wil verder bouwen. Een nieuwe creatie is in de maak. Daarnaast droomt het gezelschap van een project dat jongeren in Guinee kan laten doorgroeien als professionele artiesten via reizen, cocreatie en internationale stages. Facinets grootste drijfveer is andere jongeren de kansen geven die hij zelf heeft gekregen. 

De documentaire Fantastique vindt nu zijn weg naar cinema’s in België en er is de wens om deze ook te laten rondreizen in dorpjes in Guinee. Hiermee willen Nathalie en Facinet het verhaal breder vertellen en circus van Guinee ook in Guinee zelf laten stralen. 

En bovenal wil Amoukanama blijven verbinden. Wat begon als een informele groep jongeren op een strand in Conakry is uitgegroeid tot een gezelschap dat de Guinese circustraditie naar Vlaanderen brengt en er een gedeelde wereld van maakt. 

Dit praktijkvoorbeeld maakt deel uit van onze reeks over Muziek en podiumkunsten tussen culturen. In 2025 en 2026 interviewt CEMPER verschillende (ondersteuners van) beoefenaars binnen de muziek en podiumkunsten die actief zijn in de overdracht van erfgoed tussen culturele contexten.

Ook interessant

15 sep 2026

Van bouzoukivaart naar cahier: de Griekse muziekcultuur van Antwerpen in beeld

De bouzoukivaart in 2023 vormde de start van een breder traject rond het erfgoed van de Griekse zeelui in Antwerpen. Eén van de resultaten: een cahie…
Lees meer
26 aug 2026

Van abstract idee tot zintuiglijke beleving: de ontwikkeling van de BeiaardBox

Living Heritage Journeys exploreert naar betekenisvolle en duurzame manieren om immaterieel erfgoed samen te brengen met toerisme.
Lees meer
25 aug 2026

Partituren, tijdscapsules en een documentaire: Ictus bewaart het erfgoed van Georges-Elie Octors

De geannoteerde partituren van Georges-Elie Octors vormden het vertrekpunt van het nalatenschapsproject door Ictus ensemble.
Lees meer
22 jun 2026

Verslag | Algemene Vergadering van de UNESCO-Conventie van 2003 en accreditatie voor CEMPER

Tijdens de 11e General Assembly van de UNESCO-Conventie van 2003 werden we officieel geaccrediteerd als niet-gouvernementele organisatie.
Lees meer