Home Nieuws Leestip: ‘Aandacht! Aandacht!’

Leestip: ‘Aandacht! Aandacht!’

Aandacht en verstrooiing in het Gentse Grand Théâtre, Café-concert en Variététheater, 1880 – 1914

In Aandacht! Aandacht! onderzoekt Evelien Jonckheere het kijkgedrag van het Gentse publiek in het Grand Théâtre, het café-concert en het variététheater tussen 1880 en 1914. Het werk is gebaseerd op het proefschrift dat Evelien Jonckheere in 2014 verdedigde aan de Universiteit Gent. Academische aandacht voor low brow-vermaak blijft nog steeds zeldzaam. Eerder deed Jonckheere al uitgebreid onderzoek naar het Gentse uitgaansleven, met vooral aandacht voor het café-concert en het variététheater. Nu positioneert ze deze vormen van vermaak tegenover het high brow-vermaak van het Gentse Grand Théâtre.

De werelden van high en low brow-vermaak in drie hoofdstukken

Jonckheere behandelt in het eerste deel verschillende voorbeelden die het aandachtsregime’ van het Grand Théâtre illustreren, zoals de afbouw van het gevarieerde theaterprogramma, de evolutie in acteerstijl, het invoeren van vaste zitplaatsen en het verbod op consumptie in de theaterzaal. Deze zaken zorgden ervoor dat in het Grand Théâtre de aandacht steeds meer naar het podium werd getrokken en dat de sociale functie van het theater waarin zien en gezien worden erg belangrijk was, minder op de voorgrond trad. Men werd in het theater geacht aandachtig te kijken en te luisteren en deze tendens was, zo toont Jonckheere, niet alleen in het theater, maar ook in de rest van de samenleving sterk aanwezig. Klaarblijkelijk had dit ook gevolgen voor de aantrekkelijkheid van het instituut: het failliet van het Grand Théâtre in 1898 – het opstapje waarmee Jonckheere haar betoog aanvat – werd door de uitbater verklaard door de voorkeur die het publiek was gaan geven aan andere genres.

Een tweede deel leidt de lezer naar de verstrooiing en populaire ontspanningsvormen zoals kermissen, danszalen, circussen en de café-concerten. In het café-concert heersten duidelijk andere regels. Het repertoire was veel diverser (met veel lichte muziek) en de verhouding tussen het podium en een veel minder geïndividualiseerd publiek was van een geheel andere orde dan in het Grand Théâtre. Daar bovenop kwam nog eens de sfeer van de guingette en de carnavaleske esthetiek. Ook de zaal was anders georganiseerd en de consumptie – vooral van drank – kreeg er een geheel andere plaats. Hier was nauwelijks nog sprake van een stil en geconcentreerd kijken; hier ging het om verstrooiing’ door een spektakel dat de toeschouwers eerder fysiek dan geestelijk moest aanspreken. Deze ontspanningsvormen worden vervolgens gekaderd in de evolutie van de handel, de commercialisering van de lokale districten waar deze faciliteiten zich bevonden en de strijd om de aandacht van de voorbijganger in het straatbeeld. Dit verstrooiende, recreatieve vertier speelde volgens Jonckheere in op een nieuwe, ambivalente klasse tussen proletariaat en burgerij.

In een laatste hoofdstuk komt een mengvorm van het aandachtige theater’ en het verstrooide spektakel’ aan bod: het variététheater en haar ambivalente esthetiek, die in Gent vooral binnen de muren van de Nouveau Cirque vorm kreeg. Hier was het spektakel aan een duidelijker stramien onderworpen. Zo werden er bijvoorbeeld toneelkijkers gebruikt, zoals in het Grand Théâtre, maar stond de organisatie van de zaal en de interactie met het publiek weer iets dichter bij het café-concert. Een ambivalent format dus, met een ambivalent publiek. Deze mengvorm wordt door Jonckheere gecontextualiseerd door toelichting over de opkomst van massavermaak, stadsvernieuwingsprojecten en de ervaringscrisis van de moderniteit’, waarbij ook de Gentenaars zich verscheurd voelden tussen een verlangen naar een onveranderlijke wereld en de onverbiddelijke vooruitgang.


Archiefmateriaal

Aandacht! Aandacht! is rijk geïllustreerd met uniek archiefmateriaal, zoals niet eerder gepubliceerd beeldmateriaal uit private collecties en uit het Gentse stadsarchief. Aangezien er weinig klassiek geschreven of gedrukt bronnenmateriaal voorhanden is, worden soms minder voor de hand liggende bronnen gebruikt, waaronder annonces in kranten en de diverse efemera (zoals uit de collectie van de Gentse Universiteitsbibliotheek die bekend staat als de Vliegende bladen’).

Verder legt Jonckheere een sterk accent op het gebruik van visueel materiaal. Zo worden de drie grote delen van het boek ingezet met het ontleden van schilderijen en vooral van grafisch werk van Jules De Bruycker. Deze Gentenaar was een scherpzinnig observator van zijn tijd en heeft nogal wat werk geproduceerd waarin theaters en spektakels een opmerkelijke plaats hebben gekregen. De Bruycker besteedde zijn aandacht minder aan wat er zo al op het podium gebeurde dan aan het alledaagse in de theaterzaal zelf.


Hier vind je meer info en kan je het boek aankopen.


Deze tekst is gebaseerd op de volgende boekrecensies:

Ook interessant

25 jan. 2024

Topstuk in de kijker: ’t Dor wert groeyende

Hubert Meeus en Timothy De Paepe vertellen over ‘t Dor wert groeyende, een verzamelhandschrift van de Lierse rederijkerskamer De Groeiende Boom.
Lees meer
11 jan. 2024

Workshop - Dans en het museum

CEMPER en Danspunt nodigen dansers en museummedewerkers uit op een werksessie over dans in het museum op 24 februari 2024.
Lees meer
08 dec. 2023

Aftermovie: lancering van Schipper mag ik overvaren?

Op 14 november verscheen 'Schipper mag ik overvaren?' en dat lieten we niet onopgemerkt voorbijgaan! Herbeleef de lancering via onze aftermovie.
Lees meer
07 dec. 2023

Erfgoeddag 2024: er zit muziek in het woord 'Thuis'

Het thema van Erfgoeddag 2024 is 'Thuis'. We reiken je graag enkele thema's binnen muziek en podiumkunsten aan waarrond je kan werken.
Lees meer