Home Nieuws "Vroeger werd ik uitgelachen, nu wordt er gevocht…

"Vroeger werd ik uitgelachen, nu wordt er gevochten voor een singeltje" - pionier Kris Dierckx over ons muzikaal poperfgoed

Kris Dierckx ademt popmuziek. Belgische popmuziek. Hij is concertorganisator en manager van bands geweest, organiseerde platenbeurzen en bouwde gedurende een 20-tal jaren een indrukwekkende, bijna volledige verzameling Belpopplaten op. Uiteindelijk werd die collectie het grote fundament voor het Vlaams Muziekarchief, dat eindelijk een vaste stek heeft gekregen in de Muziekbibliotheek in Gent. Een prima gelegenheid om met de Kempenaar te praten over zijn grote passie, de edele kunst van het verzamelen en het belang van ons muzikale erfgoed.

Kris Dierckx, een zestiger uit Westerlo, heeft de tijd nog meegemaakt dat het Belgische popmuzieklandschap oogde als een woestenij. Toen hij opgroeide, was er slechts zelden een popsong op onze nationale radio te horen. Je moest je toevlucht zoeken tot SHAPE, de zender voor Amerikaanse militairen op de middengolf, of de piratenzender Radio Veronica. Je had wel in elk dorp een platenwinkel, maar een album als Electric Ladyland van Jimi Hendrix, waar iedereen nu vol van is, raakte men er aan de straatstenen niet kwijt. Te obscuur. Vlaamse schlagers daarentegen verkochten als zoete broodjes. Het was echt vechten voor je portie popmuziek toen.”

Het eerste lichtpuntje in de jaren 70 waren de kleinkunstenaars die al eens durfden te rocken, zoals Johan Verminnen, Kris De Bruyne en Raymond van het Groenewoud. De werkelijke aardverschuiving volgde enkele jaren later, toen de punk losbarstte. Dat was groot lawaai dat alweer niet op de radio gedraaid werd en waar ik, om eerlijk te zijn, in het begin ook niet meteen wild van was. Maar het bracht wel leven in de brouwerij. De Belgische rockbandjes schoten als paddenstoelen uit de grond. De punk bracht een golf van creativiteit en ondernemingszin teweeg. Die stak mij ook aan. Ik begon optredens te organiseren van De Kreuners en The Bet. Die laatste band had toen net de goed aantikkende single Don’t Talk to the Liar uit en zorgde voor een volle zaal. Opnieuw op het juiste moment programmeerde ik Scooter en Allez Allez. Alweer een schot in de roos.”

"We waren onze popgeschiedenis aan het vergeten. Dat was voor mij de trigger om alle Belgische releases te verzamelen."

Aan zijn korte periode als concertorganisator hield Kris Dierckx een goed contact over met een plaatselijke groep, The Chrome. Die vroeg hem als manager. Ik schreef de band, met frontman Frank Ermgodts (later de zanger van The Pop Gun, pvd), voor de Rock Rally van 1982 in. We haalden totaal onverwacht de finale. Toen moest ik, met de camionette, voor het eerst in mijn leven naar Brussel rijden! We wonnen die editie. Ik was intussen ook een klein boekingskantoor begonnen. In 1984 kwam Schmutz bij me aangewaaid, een paar jaar later volgde Poésie Noire.”

De Belpop boomde tot 1983, maar toen ging het snel bergaf. De crisis in het concertcircuit sloeg genadeloos toe. Gelukkig was ik slim genoeg om te beseffen dat er met de muziek weinig geld te verdienen was. Van meet af aan had ik de reflex om er een baan naast te houden, ik was leerkracht. Toen de Belpop het zo moeilijk kreeg, veranderde ik het geweer van schouder. Ik begon op een drietal locaties een club waar jongeren platen konden ontlenen. Voor 15 Belgische frank kon je een week lang een plaat huren. Op een gegeven moment merkte ik dat die jonge gasten The Machines niet meer kenden, terwijl die enkele jaren voordien nog dé glorie van de Belpop was. Heel opmerkelijk vond ik dat. Waren we op weg om onze eigen popgeschiedenis te vergeten? Dat was voor mij de trigger om alle Belgische releases te gaan verzamelen. Ik schuimde elk weekend de rommelmarkten af. Vrij snel had ik al zo’n 500 platen bij elkaar, maar dat was slechts het begin. Ik begon ze ook te inventariseren, want in dat pre-internet tijdperk waren nergens discografieën te vinden. Zelfs de artiesten zelf hielden geen lijsten van releases bij.”

"In Milaan Italiaanse persingen vinden van The Pebbles en The New Inspiration, dat voelde als een sensatie."
-

Jouw discografie is, als ik het goed heb, voor het eerst gepubliceerd in Wit-lof from Belgium, het boek over de Belgische popgeschiedenis dat Gust De Coster en Geert De Bruycker in 1990 schreven. 

Dat klopt. Gust vroeg of hij de lijst mocht gebruiken. Wit-lof from Belgium blijft een standaardwerk waar Gust, Geert en Pierre De Decker, die de research deed voor het boek, enorm veel werk in hebben gestoken. Het was bovendien de eerste keer dat er een discografie van de Belgische pop verscheen. Er stonden zo’n 5000 items in, geloof ik. In 1997 heb ik zelf een uitgebreidere versie in boekvorm uitgebracht: Rock in Belgium. Tegen dan was het aantal vermelde releases al verdriedubbeld.”

Was je Belpop-discografie louter gebaseerd op je eigen verzameling of had je nog andere bronnen? 

Ik haalde mijn gegevens overal vandaan. Gust De Coster zorgde voor een schat aan informatie. Het pionierswerk dat hij als radiomaker verricht heeft, is goud waard. In zijn jonge jaren deed hij heel wat interviews en hield hij de verschillende bezettingen van bands bij. In zijn lijstjes stonden bijvoorbeeld discografische gegevens van Les Ombres, een Gentse groep uit de jaren 60 die Cliff Richard & The Shadows coverde en nog getoerd heeft met Gene Vincent. Die informatie was al een enorme basis om van te vertrekken. 

Voorts pluisde ik tijdschriften uit. Ik sprokkelde de data en indien mogelijk haalde ik de platen ook fysiek in huis. Af en toe bleek dat onmogelijk. Platen uit de jaren 60 zijn in veel gevallen té zeldzaam en immens duur geworden. Op een gegeven ogenblik, ik was al officieel met mijn Belpop-collectie gestopt, stierf een verzamelaar. Hij had duizenden Belgische frank aan zijn collectie gespendeerd. Die man bleek platen te bezitten die ik nooit eerder had gezien.”

Was het echt zo’n lastige klus om data en platen op het spoor te komen? 

Het was zeker niet te onderschatten. En als je iets miste, kon je dat jezelf niet verwijten. Je wist pas van het bestaan van een plaat als je er ergens op botste of erover las. Je kan nooit inschatten hoeveel er nog te zoeken en te vinden is. Bij momenten wordt er echt gevochten voor een singletje. Dat is best ironisch, want toen ik ermee begon, werd ik vierkant uitgelachen. Wie haalde het nu in zijn hoofd om Belgische platen te verzamelen! Die tijd van erop neerkijken, is definitief voorbij. Nu is de Belpop een heus handeltje geworden. 

Het was continu zoeken, maar ik liet me nooit opjagen. De meeste tijd kroop in het inventariseren. Steevast één maand van mijn zomervakantie als leraar soupeerde ik op aan het ingeven van de data in de computer.”

Was je vrouw daar altijd gelukkig mee? 

Ik heb steeds de kans en de ruimte gekregen om mijn ding te doen. Niet onbelangrijk: ik heb er nooit iets van het budget van het gezin aan besteed. Het was en bleef een hobby, al werd het op den duur wel een quasi professionele bezigheid door de vele contacten die ik had opgebouwd. Het verzamelen bracht me veel plezier, maar kostte natuurlijk ook geld. Releases die ik dubbel had, probeerde ik zelf opnieuw te verkopen. Dankzij die handel had ik weer fondsen om verder aan de collectie te timmeren. In 1997 startte ik, onder de naam Kdx Fairs, met het organiseren van platenbeurzen. Ik bracht ook zelf cd-singletjes uit van bijvoorbeeld Red Zebra, de zogenaamde Kdx Classix, die ik klanten gratis meegaf. Of ik maakte postkaarten van Belgische groepen, de Belgian Collector’s Series, als extraatje. Ik verzon steeds nieuwe dingen. Ik kon het niet laten, dat zat in mijn bloed.”

Vanwaar die grote toewijding? Wat dreef je als verzamelaar?

Het is belangrijk om te onderstrepen dat ik die enorme collectie nooit voor mezelf begonnen ben. Ik zag mezelf als een archivaris. Ik deed het puur om tot een muziekarchief te komen. Ons land had dat nodig. Hoeveel platen heeft pakweg Burt Blanca uitgebracht? Die kennis moest voorhanden zijn, vond ik. Er is zoveel meer dan Raymond van het Groenewoud, dEUS en Arno alleen. Of een plaat goed of slecht was, speelde voor mij geen rol. Het draaide voor mij louter om het bijeenbrengen. Zoiets doe je met open geest. 

Muzikale kwaliteit was dus nooit een criterium. Wie was ik om een oordeel te vellen? Weet je wat mijn principe was? Zo’n groepje had al zijn energie en aardig wat centen gestoken in een singletje, vaak in eigen beheer uitgebracht, het kreeg geen aandacht in de pers, werd niet op de radio gedraaid, op optredens werden er slechts 173 exemplaren van verkocht, terwijl ze er 500 hadden laten persen … Ik vond dat, met al die goed bedoelde inspanningen, er toch iets van mocht overblijven. De onbekende bandjes behoren evengoed tot het ecosysteem van de Belgische muziek. Het gekke is dat die obscure dingen soms plots heel gewild zijn. In het genre minimal synth, met goedkoop materiaal opgenomen, zijn sommige releases nu honderden euro’s waard. Voor de eerste single van Absolute Body Control, de vroegere groep van Dirk Ivens, die later bekend werd met Klinik, betaalt men nu 400 euro, terwijl de opnamekwaliteit verschrikkelijk is. 

Omdat ik vond dat de Belpop-collectie toch een definitieve stek verdiende, ben ik op aanraden van toenmalig AB-directeur Jari Demeulemeester met Muziekcentrum Vlaanderen gaan praten. Ik droeg uiteindelijk in 2007 mijn Belpop-verzameling aan die overheidsinstelling over, tegen een faire prijs.”

“Grosso modo kun je stellen dat het leeuwendeel van de collectioneurs zijn jeugd verzamelt.”
-

Kunstenpunt, de fusie waar het Muziekcentrum Vlaanderen in 2015 in is opgegaan, maakte in het voorjaar bekend dat het Vlaams Muziekarchief, een verzameling van zo’n 40.000 platen en cd’s van eigen bodem, eindelijk een onderkomen krijgt in de Muziekbibliotheek van het KASK en Conservatorium van Gent. Tot nu toe zat de collectie verstopt’ in een Brusselse kelder. De verhuizing maakt het mogelijk dat dit muzikale erfgoed vanaf volgend jaar toegankelijk wordt voor het grote publiek. Vermits het gros van het Muziekarchief door jou bij elkaar gesprokkeld is, moet dat nieuws je verheugen?

Ik juich het toe. Het is prima dat de verzameling beschikbaar wordt gemaakt, maar men moet er toch mee opletten; er zitten best dure stukken bij. Intussen is de waarde van de verzameling makkelijk vertienvoudigd. Een schijf die destijds 400 Belgische frank kostte, kan nu 300 euro waard zijn. Voor een zeldzame plaat van Irish Coffee wordt momenteel 1500 euro neergeteld.“

Wat was de gekste plek waar je ooit een Belgische plaat hebt aangetroffen?


Ik ben ooit naar een platenbeurs in Milaan getrokken waar je voor een appel en een ei Italiaanse persingen kon vinden van The Pebbles en The New Inspiration. Dat voelde als een sensatie. Dezelfde opwinding voelde ik toen ik een exemplaar van Ring, Ring, I’ve Got to Sing van Ferre Grignard uit Japan in handen kreeg. Tegenwoordig is het een klein kunstje om zo’n plaatje via websites als Discogs te bestellen, maar in die tijd was het een klein wonder dat je dat op de kop wist te tikken. Uitzonderlijke vondsten, zoals een Amerikaanse persing van de eerste cd van Won Ton Ton of cassettes van Soulsister, gaven steeds een kick.“

Je hebt vroeger grote platenbeurzen georganiseerd en sinds kort ben je samen met je vrouw een pop-up versie begonnen. Welk publiek trek je daarmee aan?


Het eerste wat opvalt, is dat het bijna allemaal mannen zijn. Het zijn ook veelal oudere mensen en dat doet zich gevoelen. Vroeger werd er gevochten voor een EP van Cliff Richard, nu is daar nog nauwelijks interesse voor. Die fans zitten intussen in het woonzorgcentrum. Een uitzondering is Johnny Cash, die blijft het goed doen bij jong en oud. Die tendens zie je ook in de Belpop. Het rijk van The Pebbles en The New Inspiration lijkt uit. De singles van Noordkaap blijven bijvoorbeeld wel nog verkopen. De interesse in Belpop evolueert altijd in golven.

Tweedehandscd’s gaan in onze pop-up tegen één of een halve euro de deur uit. Ik zou die drager nog niet meteen dood verklaren, want sommige dingen zijn enkel op cd uitgebracht. En wie had gedacht dat cassettes een comeback zouden maken? Tot 100 euro geeft men soms voor zo’n tape. De eerste cassette van Elisa Waut is voor 60 euro verkocht in Amerika! Het zijn vaak bizarre dingen die gegeerd zijn.

De die-hard verzamelaars zijn een ras apart: ze willen die specifieke persing en geen andere. Voor hen draait het niet om de muziek. Als het je om de muziek te doen is, maakt het niet uit welke uitgave je precies in handen krijgt. Dan kom je met 2 of 3 euro toe, terwijl die ene speciale uitgave 188 euro kost.

Daarnaast heb je een compleet ander soort collectioneurs. Ik denk nu concreet aan iemand die plots Will Tura begon te verzamelen. Ik heb geregeld singletjes van Tura in de aanbieding, die al bij al niet zo veel waard zijn, maar ik maak die mens daar heel blij mee. Er is ook een koppel dat een collectie van Mama’s Jasje en Clouseau startte. Ze komen naar mijn pop-up op zondag en dan slaan we een praatje. Dat zijn mensen die met hun hart verzamelen.“

Focussen de meeste verzamelaars zich op een specifieke artiest of genre?


Grosso modo kun je stellen dat het leeuwendeel zijn jeugd verzamelt. Begin jaren 90, toen ik nog volop aan mijn Belpop-collectie bouwde, zag ik het even niet meer zitten. Bonzaï Records was toen alomtegenwoordig. Hardcore elektronische muziek. Ik dacht: moet ik dit nu ook al bijhouden? Met die bedenking zondigde ik natuurlijk tegen mijn eigen principe dat ik niet mocht oordelen. Toen dat platenlabel in 2003 failliet ging, kreeg ik iemand aan de lijn. Of ik in duizenden Bonzaï-platen was geïnteresseerd. Hoewel ik er totaal geen band mee had – mijn zoon wél – heb ik ze toch maar gekocht. En wat merkte ik na verloop van tijd? Dat er veel geld geboden werd voor die spullen. Dat label beleeft nu een tweede leven met heruitgaven. Voor mij is dat het bewijs dat iedereen, uit nostalgie, zijn jeugd verzamelt.

Onlangs kwam een man van mijn leeftijd naar de pop-up. Hij had opnieuw een platenspeler gekocht en was op zoek naar albums uit de jaren 70. Van Dave Mason, Cockney Rebel en Steve Gibbons. Aan zo iemand raak ik dat soort platen nog kwijt. Dat zijn mensen die hun elpees ooit van de hand hebben gedaan en nu hun oude verzameling heropbouwen om de muziek uit hun jeugd te herbeleven. Veel platenwinkels zijn intussen verdwenen, maar bedenk eens hoeveel elpees daar destijds over de toonbank zijn gegaan. Al die oude platen gaan nog steeds van hand tot hand.

Nieuwe releases daarentegen … Voor onze pop-up hebben we ook een stock ingeslagen van nieuwe platen, maar daar boeken we nauwelijks winst mee. Een vinylplaat vers van de pers kost 40 euro. Blijkbaar zijn mensen niet bereid om daar zo veel geld voor uit te geven. Wacht, ik haal er even een album bij van Tante Terry uit 1967. (Kris verdwijnt even in zijn werkkamer) De toenmalige prijs staat op de hoes gedrukt: 195 Belgische frank. Zoek het uurloon van die tijd maar eens op: 27 frank. Mensen moesten dus bijna een hele dag werken om een plaat van Tante Terry te kunnen kopen. Een kinderplaat nota bene! Al wie beweert dat muziek duur is geworden, dwaalt dus. Muziek is nooit zo goedkoop geweest. Voor 20 euro haal je een nieuwe cd in huis. Dat is minder dan het gemiddelde uurloon.”

Kris Dierckx in zijn werkkamer: “Al wie beweert dat muziek duur is geworden, dwaalt.”

Intussen is er een grote concurrent bijgekomen: streaming. 

Spotify heeft tegenwoordig natuurlijk een grote aanhang, maar ik merk dat zeker oudere mensen stilaan op hun stappen terugkeren. Ze worden de streaming moe. De algoritmes werken niet optimaal. Als je vandaag naar Bruce Springsteen luistert, krijg je morgen opnieuw Springsteen. En drie dagen later krijg je wéér Born to Run. Dat algoritme redeneert: dat is wat je graag hoort. Terwijl het net leuk is om eens iets anders gepresenteerd te krijgen. 

Het leukste radiomoment van het jaar zijn de nummers 1000 tot 100 van de Classics 1000 op Radio 1. Arriveren ze bij de top 100, dan is de lol eraf. Daar staan de songs in die sowieso al grijsgedraaid worden. Wim De Craene heeft nog andere goeie liedjes dan Tim’. Radio Nostalgie: hetzelfde verhaal. Hup, voor de tigste keer Lena’ van 2 Belgen en Beats of Love’ van Nacht und Nebel. Prachtige songs, maar moeten ze daarom élke week de revue passeren? Om die reden is radiozender Willy zo’n verademing. Daar hoor je nog muziek die door mensen is samengesteld. Ik denk dat het een vergissing is om te denken dat mensen de ganse dag bekende, happy liedjes willen horen. Volgens mij wakkert de eenheidsworst op de streamingdiensten en op de radio het verlangen aan om opnieuw platen te kopen. Mensen snakken naar hun eigen muziek. Valt een aankoop tegen of ben je het na enkele jaren weer beu, tant pis. Ik merk zelf dat ik ook niet meer zo vaak naar mijn blues-cd’s luister, maar dat is nog geen reden om ze de deur uit te gooien.”

Wat hou je zelf nog bij, en hanteer je daarbij enige criteria? 

Ik bezit momenteel nog een paar duizend cd’s. Ik bewaar dus nog vrij veel. Het enige criterium is dat het mij moet bevallen. Het ligt waarschijnlijk aan mijn leeftijd, maar hiphop is niet aan mij besteed. Ik word daar zenuwachtig van. Ik ga me ook niet meer verdiepen in metal, ik heb nooit iets met dat genre gehad. Maar voor de rest gaat mijn persoonlijke collectie vrij breed. Het mag onbekend zijn en als er weerhaakjes in zitten, dan spits ik mijn oren. 

Ik voel niet meteen de nood om dure platen bij te houden. Het eerste singletje van Ferre Grignard, met Maureen’ en Ring, Ring, I’ve Got to Sing’ op, in 1965 op 500 exemplaren uitgebracht door het Antwerpse café De Muze, met een zeefdrukhoesje, wilde ik dolgraag hebben, maar telkens als ik het tegenkwam, was het prijskaartje me te hoog. Ik was niet bereid om gekke prijzen aan platen te geven. 300 Belgische frank, dat kon nog, maar 1000 frank? Nee, dank u. 

Weet je wat ik echt koester? (Kris staat op, gaat weer zijn werkkamer in, komt met een enveloppe terug en vist er een velletje papier uit.) Dit is een telegram dat George Harrison gestuurd heeft naar The Pebbles. Die Antwerpse groep had getekend bij een Frans label, Barclay, maar de chemie werkte daar niet zo goed. Net op dat moment begonnen The Beatles met Apple Records en The Pebbles stuurden hun een single op. Ze kregen een officieel antwoord van Harrison, dat is dit telegram. Uit naam van The Beatles was Harrison bijzonder lovend over de muziek van The Pebbles en moedigde hij hun aan om het goede werk verder te zetten. Een connectie tussen de meest iconische band aller tijden en onze Belgische trots, dat is toch een uniek stukje geschiedenis. Ik heb dit document gekocht van Bob Leonard, de impresario van The Pebbles. Het was een van de items die hij via Sotheby’s wilde veilen. Toen hij er geen koper voor had gevonden, zei ik dat ik er de vraagprijs wel voor wou geven. Het stond geschat tussen 500 en 700 Britse pond. Dat is dus iets wat ik zeker bijhoud, maar wat is het écht waard? Als mijn kinderen dat later terugvinden, gooien ze het waarschijnlijk in de papiermand. 

We hebben het nu over popmuziek, maar ik vind dat er evengoed respect moet zijn voor naoorlogse Vlaamse artiesten als Bob Benny, Jan Verbraeken en La Esterella. Is het niet spijtig dat hun platen dreigen te verdwijnen? Dat zou doodzonde zijn. Laat ons dat erfgoed toch conserveren.”

Om te koesteren: het telegram dat The Pebbles ontvingen van George Harrison

Dus als je nog één wens zou mogen doen?

Het zou me plezieren als ons muzikale erfgoed het respect krijgt dat het verdient. Wij moeten niet oordelen wat relevant is. Zet alles bijeen en laat het grote publiek er kennis van nemen. We mogen een voorbeeld nemen aan Muziekweb in Nederland. Daar hebben ze alle releases, ongeacht het genre, opgelijst. Eén archief waar je een mooi overzicht vindt van alle Belgische platen – ik leg bewust de nadruk op Belgisch, want we gaan als Vlamingen toch geen Brusselaars, bands waar Walen in zitten of artiesten van vreemde origine uitsluiten? – als het Vlaams Muziekarchief zoiets kon realiseren, zou dat prachtig zijn. 

Het lijkt me belangrijk dat de data openbaar worden gemaakt en dat de muziek online raadpleegbaar zal zijn. Als je vandaag iets van Revenge 88 wil horen, een West-Vlaamse punkband waar Willy Willy nog bij zat, waar kun je dan terecht? Als je het mogelijk maakt om die muziek met een klikje te beluisteren, dan lijkt me dat een goed bestede investering. Het komt mij niet toe om me te moeien, maar mijn advies zou zijn: verkondig het woord! Ik ben niet voor niets godsdienstleraar geweest. (lacht)”

Wie is Kris Dierckx? 

  • Een gepensioneerde godsdienstleraar met een grote passie voor muziek. 
  • Was in de jaren 80 eerst concertorganisator en manager/​boekingsagent van onder meer The Chrome en Schmutz, daarna legde hij zich toe op het verzamelen van Belpopplaten. Als een uitloper daarvan verscheen in 1997 met Rock in Belgium een eerste uitgebreide discografie van de Belgische popmuziek. In 2005 volgde de update Rock in Belgium II. Met Bob Driege bracht hij The Collector’s Files uit, een boek over de 100 meest gezochte Belgische elpees. 
  • Begon in 2005 met het organiseren van de Kdx Fairs-platenbeurzen in de grote Vlaamse steden, in 2013 verkocht hij die succesvolle firma. 
  • Is ook auteur van godsdienst- en muziekboeken. In de reeks Hits en Tits!, over muziek uit de jaren 60 en 70 (met speciale aandacht voor het vrouwvolk dat in die era de hoezen sierde), verschenen drie uitgaven: Toen niets mocht, Hoezenpoezen en Covergirls. Voor de toekomst zit er nog een biografie van Ferre Grignard in de pijplijn. 
  • Startte anderhalf jaar geleden met zijn vrouw Karin een nieuw concept van pop-up platenbeurzen onder de naam karinB.


Tekst en foto’s: Peter Van Dyck

Ook interessant

22 mei 2024

Topstuk voorgesteld: De Blijde Inkomste van Margareta van York

Rederijker Anthonis de Roovere schreef een uitvoerig verslag van de gebeurtenissen rond het huwelijk van Margareta van York en Karel de Stoute. In 20…
Lees meer
14 mei 2024

Philippe Cortens: op zoek naar verborgen schatten in ons muziekerfgoed

Philippe Cortens doet duizend-en-een dingen met muziekerfgoed. Ontdek wat hij doet in dit interview.
Lees meer
23 apr. 2024

“Gentse volksliedjes hebben een grote verbindingskracht”

Folkmuzikant Wim Claeys zingt samen met de Stemband liedjes in het Gents dialect. Het kinderkoor kreeg een plaats op het Register van Inspirerende Vo…
Lees meer
16 apr. 2024

"We doen toverlantaarnshows zoals die in de periode 1820-1920 kunnen geweest zijn"

In hun vrijetijd voeren Dominique Santens en Philippe Khazzaka, samen met twee collega’s, toverlantaarnshows op. Wat is een toverlantaarn juist?
Lees meer