Home Nieuws Topstuk voorgesteld: La fleur des chansons

Topstuk voorgesteld: La fleur des chansons

La fleur des chansons is een bundel met liederen van Orlandus Lassus (1530/1532-1594), gedrukt door Petrus II Phalesius (jaren 1540-1629) in Antwerpen. Dat er vijf uitgaven van deze liedbundel verschenen, toont het succes ervan aan. Van La fleur des chansons uit 1604 bleven twee volledige exemplaren bewaard, waarvan één in de Universiteitsbibliotheek Gent. Die uitgave werd in 2012 erkend als Vlaams Topstuk. Prof. em. Henri Vanhulst deed onderzoek naar Lassus en Phalesius. In een interview vertelt hij ons over deze figuren en over La fleur des chansons.

Superiuspartij van 'Fleur de quinze ans' door Orlandus Lassus in 'La fleur des chansons' | Collectie Universiteitsbibliotheek Gent

Onderzoek naar muziekuitgevers

Hoe ben je met de drukkersfamilie Phalesius en met Lassus in aanraking gekomen?

Na de Tweede Wereldoorlog was er wereldwijd – en vooral in Europa — de behoefte om te weten wat er nog bewaard was van muziekuitgaven. Men wilde internationaal samenwerken aan een inventaris. Dat project werd het Répertoire International des Sources Musicales (RISM) genoemd. In de jaren 50 startte men met het inventariseren van muziekdrukken tot 1800 en nadien met handschriften tot ongeveer 1850. Later zouden ook drukken die verschenen in de 19de eeuw toegevoegd worden, maar dat is thans nog niet gebeurd. De eerste delen van RISM (15 boeken) werden gedrukt in de jaren 1960. En men is zeer snel gaan inzien dat namen van uitgevers regelmatig terugkwamen. In verschillende landen begon onderzoek naar die uitgevers. Zo ben ik bij Phalesius terecht gekomen. Ik heb mijn doctoraat gedaan over de Leuvense periode – onder Petrus I Phalesius — en tussen die uitgaven zat Lassus.

Tegelijkertijd stelde ik – en ook andere onderzoekers – een reeks vragen: Hoe raakte een drukker aan de muziek die hij zou uitgeven? Hoe verkocht de drukker dat? Ik ben heel lang bezig geweest om na te gaan welke circuits er waren om drukken te verspreiden. Zo ben ik gekomen bij catalogi van boekhandels. In Amsterdam mocht je bijvoorbeeld geen openbare veiling doen zonder een catalogus te drukken. Door catalogi te vergelijken, kan je zien welke titels terugkomen, in dezelfde of in een latere uitgave. Zo kan je bewijzen wat verkocht is en wat niet. Want het is niet omdat het gedrukt wordt, dat het allemaal verkocht wordt.”

Orlandus Lassus

Wie was Orlandus Lassus (ook Orlando di Lasso of Roland de Lâtre)?

Orlandus Lassus is geboren in Mons, Bergen. Over zijn jeugd weten we heel weinig. De enige informatie die we hebben, komt uit een bundel met biografieën [1]. Daarin schrijft de in Antwerpen geboren Samuel Quickelberg, die bibliothecaris was van de hertog van Beieren, dat Lassus geboren is in 1530. Of die informatie correct is, weten we niet zeker.

Lassus komt waarschijnlijk uit een minderbegoede familie. Op jonge leeftijd wordt hij ontdekt door een generaal van Keizer Karel V, Ferrante Gonzaga. Lassus is toen als knaap met die generaal naar Italië gegaan. Maar op een bepaald ogenblik verandert zijn stem en mag hij niet meer zingen. Wat er dan gebeurd is, weten we niet precies.

In 1553 wordt hij zangmeester in Sint-Jan van Lateranen in Rome. Wanneer hij bericht krijgt dat zijn ouders gaan sterven, vertrekt hij naar Mons, maar onderweg verneemt hij dat zijn ouders gestorven zijn. Hij keert niet terug naar Rome, maar gaat door naar Antwerpen. In 1556 gaat hij naar München waar hij zanger en later kapelmeester wordt aan het hof van de hertog van Beieren. Daar zal hij zijn carrière maken.”

Wat kenmerkt hem als componist? 

Lassus is een van de laatste grote toondichters van de renaissance. Wat opvalt bij Lassus is dat hij alle genres beoefent. Hij schrijft missen, Franse chansons, Italiaanse madrigalen en lichtere villanelle, Duitse liederen … Hij produceert geweldig en heeft veel succes. Dat blijkt uit uitgaven en heruitgaven. Zijn grote kwaliteit is dat Lassus steeds zoekt naar een band tussen de tekst en de manier waarop hij componeert. Dat deden componisten voordien veel minder. 

Ook belangrijk is dat Lassus er als eerste voor zorgt dat hij eigenaar blijft van zijn muziek. In de jaren 1580 vraagt hij – al zeker in Frankrijk en Duitsland — het privilege om eigenaar te blijven van de muziek die hij reeds heeft uitgeven en die hij nog gaat componeren. Hij heeft contact met uitgevers in verschillende landen en beslist zo wie wat gaat uitgeven.”

Petrus II Phalesius

Wie was Petrus II Phalesius (ook Pierre Phalèse le Jeune of Pieter van der Phaliezen de Jonge)?

Wanneer Petrus II Phalesius geboren wordt, weten we niet. Vermoedelijk begin jaren 1540. Zijn vader, Petrus I, begint in Leuven met het uitgeven van luitmuziek en muziek van lokale toondichters. Petrus II brengt de zaak over naar Antwerpen, waar hij Italiaans repertoire gaat heruitgeven. Dat bewijst dat het moeilijker was om muziek die gedrukt was in Italië naar hier te brengen, eerder dan ze hier te herdrukken. Petrus II begint met het maken van anthologieën, waarbij hij muziek selecteert van meerdere toondichters. Nadien gaat hij muziek uitgeven van één bepaalde toondichter. [2] Zijn dochters, Magdalena en Maria, gaan zich weer focussen op lokale toondichters.”

Petrus II Phalesius verhuisde de drukkerij in 1581 naar Antwerpen. Wat waren zijn beweegredenen?

Om het heel summier te stellen: Leuven was een intellectuele stad en Antwerpen een commerciële stad. Bovendien heeft Phalesius het idee om Italiaanse muziek uit te geven en in Antwerpen zitten toch heel wat Italianen. Wat opvalt, is dat de eerste madrigalenbundels begin 1582 opgedragen zijn aan Italianen die in Antwerpen leefden. Later draagt Phalesius die op aan lokale’ Antwerpenaars. Je ziet dus dat de muziekcultuur wijzigt en gaat naar de Italiaanse muziek.

Daarnaast kan Phalesius vanuit Antwerpen, langs de Schelde, uitgaven naar Frankfurt en naar de beurzen sturen. De verspreiding van het Italiaanse repertoire in het noorden is een van zijn grote verdiensten.”

La fleur des chansons

Wat is de ontstaanscontext van La fleur des chansons?

In 1592 is Lassus op het einde van zijn leven. Op dat moment heeft Petrus II Phalesius het idee om een soort anthologie te maken van chansons van Lassus. Eerder verscheen ook al zo’n anthologie in Parijs. Phalesius geeft de bundel de naam La fleur des chansons, hoewel er niet alleen Franse maar ook Italiaanse liederen in staan. De drukker draagt het boek op aan de heer Martin Haeck, ceremoniemeester van de kathedraal in Mechelen. Die opdracht is duidelijk religieus geïnspireerd, hoewel het chanson als genre niets met godsdienst te maken heeft.

De overgrote meerderheid van de chansons die Phalesius herneemt, zijn verschenen tussen 1555 en 1570, dikwijls voor het eerst in Antwerpen – bij vader en zoon Susato of bij hemzelf – of in Leuven – bij Petrus I.”

Welke liederen staan in deze bundel?

Phalesius selecteert de meest conventionele, brave’ werken. Als je de chansons van Lassus bekijkt, dan zie je dat hij ook meer erotische of dramatische liederen heeft. Die laat Phalesius eruit. Voor negen chansons is de originele tekst bovendien vervangen door een preutse’. Daarnaast zijn de helft van de werken in de bundel vierstemmig. Die muziek is eenvoudiger’ en vraagt minder uitvoerders. Daarna komen vijf‑, zes- en achtstemmige liederen.

Wat ook duidelijk is, is dat niet de kwaliteit van de gedichten primeert. Phalesius selecteert liederen niet omdat ze bijvoorbeeld door Ronsard of Marot gedicht zijn. Wel neemt Phalesius werken die om allerlei redenen populair zijn. Zo komt Susanne un jour zelfs twee keer voor. De tweede versie, het enige lied in de bundel dat niet van Lassus is, is van Cipriano de Rore. 

Waarom er één werk van Cipriano de Rore in de bundel zit, is niet helemaal duidelijk. Wel zien we dat dit vaker gebeurt. Al bij de eerste drukken van Lassus bij Susato wordt telkens een werk van Cipriano de Rore opgenomen. Doorheen de jaren zijn daar al verschillende verklaringen voor gegeven. Zo wordt gezegd dat Cipriano, die uit Ronse afkomstig is, niet zo gekend was in de Nederlanden en dat het een manier was om hem meer bekendheid te geven.”

Wat kan je vertellen over de verkoop en het gebruik van de bundel? 

Wat opvalt, is het succes van de bundel. Hij verschijnt in 1592, 1596, 1604, 1612 en 1629. De inhoud van deze edities blijft ongewijzigd. De laatste uitgave verschijnt op het moment dat Lassus al 35 jaar overleden is en toch blijft er de ganse tijd een publiek voor. De oplagen van de uitgaven en wie de kopers waren, zijn helaas niet bekend. 

Uit een onderzoek naar testamenten in Antwerpse notariaten blijkt wel dat wie een beetje aanzien en geld had, muziek(instrumenten) had. Muziek werd voornamelijk gekocht door mensen die ten eerste vrije tijd hadden, en ten tweede geld genoeg om het te kopen. Stemboekjes zoals deze waren vooral voor huishoudelijk gebruik, waarbij de familie zelf musiceerde, of een klein muziekensemble. Op veel titelpagina’s doorheen de 16de eeuw staat trouwens dat de muziek ook instrumentaal uitgevoerd kan worden. Er kan bijvoorbeeld iemand zingen, en een andere kan blokfluit spelen. Er is dus geen model’ in de uitvoering van de muziek. Iedereen doet wat hij kan. 

Zoals gebruikelijk in die tijd, wordt muziek verkocht in aparte stemboekjes die niet ingebonden zijn. De eigenaar laat de boekjes inbinden. In de bundel die bewaard wordt in de Universiteitsbibliotheek Gent zitten meerdere uitgaven van Petrus II Phalesius. Dat is niet verwonderlijk, want het inbinden van een boek – en dan nog eens vijf aparte stemboekjes – was duur.”

[1] Deze korte biografie van Orlandus Lassus – geschreven door Samuel Quickelberg — verscheen in 1566 in Prosopographiae Herovm Atqve Illvstrivm Virorvm Totivs Germaniae van Heinrich Pantaleon (band 3, p. 541, https://​doi​.org/​10​.​11588​/​d​i​g​l​i​t​.​42518​#0563). 

[2] Lees meer over hoe Phalesius dit Italiaans repertoire samenstelde in de bijdrage van Henri Vanhulst in het boek LLMF 7: Madrigaalcollecties uit de Lage Landen in Centraal Europa | Studie (p. 375 – 410, https://​idemdatabase​.org/​i​t​e​m​/​L​L​M​F​007​-4-nl).

Ook interessant

06 jul 2026

Maak kennis met Helena Liégeois

Op 1 juli mochten we Helena Liégeois in ons team verwelkomen. Maak kennis met onze nieuwe collega.
Lees meer
01 jul 2026

De serpent terug op de kaart

Na een opleiding als tubaspeler ontdekte Berlinde Deman de serpent, een voorloper van de tuba uit de 16de tot 19de eeuw.
Lees meer
16 mrt 2026

Haha humor & vrijetijdstheater | Erfgoeddag 2026

In het kader van Erfgoeddag 2026 spreken we met Bert en Philip – beiden ook acteur en regisseur – over KT Streven en hoe zij met humor in theaterstuk…
Lees meer
05 feb 2026

Haha humor: commedia dell’arte in theater en circus | Erfgoeddag 2026

In het kader van Erfgoeddag 2026 gingen we in gesprek met Lucas Tavernier, een acteur met een passie voor commedia dell’arte, en met Danny en Pepijn …
Lees meer