Home Nieuws Het passieverhaal op het middeleeuws toneel | Erf…

Het passieverhaal op het middeleeuws toneel | Erfgoeddag 2027

Het passie- of lijdensverhaal van Christus wordt al sinds de middeleeuwen opgevoerd in en buiten de kerk. Prof. em. Hubert Meeus vertelt ons - in het kader van het thema van Erfgoeddag 2027 - over het ontstaan van paasspelen vanuit de liturgie, en over middeleeuwse passiespelen die uitgroeiden tot meerdaagse massaspektakels.  

Van tropen tot paasspelen

Paas- en passiespelen vloeien voort uit de liturgie. ​“Het begint met de Paasliturgie waarin rond 900 een scène uitgebeeld wordt van de vrouwen die naar het graf gaan en door een engel gevraagd worden wie zij zoeken. Het is een kort stukje Latijnse tekst uit de Bijbel die gezongen wordt, ​‘tropen’ noemen ze dat.” De oudst bewaarde tekst waarin ook aanwijzingen staan over de uitvoering van de dialoog komt uit de kathedraal van Winchester (ca. 965 – 970). 

De scène wordt geleidelijk uitgebreid: ​“De vrouwen gaan op weg naar het graf, maar komen tot de vaststelling dat ze geen zalf bij zich hebben. Daarom wordt een koopman geïntroduceerd die zijn waren kan aanprijzen.” Op die manier worden meer wereldlijke scènes en gebeurtenissen uit het lijdensverhaal toegevoegd en ontstaat het paasspel. Een voorbeeld uit de Nederlanden dat bewaard bleef, is het Maastrichts Paasspel (ca. 1200). 

“In het begin worden die spelen in de kerk opgevoerd in de vorm van een soort processie. In Frankrijk zijn er een paar bronnen die het mogelijk maken om te reconstrueren hoe ze door de kerk liepen en steeds uitkwamen bij het altaar, dat fungeerde als het graf van Christus.” De spelen breiden zich verder uit ​“totdat ze op een bepaald ogenblik uit de kerk gezet worden omdat het te werelds geworden is”. 

Hoewel er amper teksten uit de Nederlanden bewaard bleven, komen we soms vermeldingen van paas- of verrijzenisspelen tegen in stadsrekeningen, schrijft Hüsken (1996). Zo ook in het boekjaar 1391-’92 van Dendermonde: ​‘Item was ghegheven den ghesellen die tspel van der verryssenisse Ons Heeren speelden in de Paeschdaghe’. In het boekjaar 1399 – 1400 staat er dat het spel wordt ingericht ​‘upt Kerchof’. Er vinden ook opvoeringen plaats in o.a. Nieuwpoort (1406), Gistel (1407), Lo (1428 – 1561), Oudenburg (1433), Geraardsbergen (1434), Tielt (1446) en Lier (1449). 

Passiespelen: middeleeuwse massaspektakels

In onze buurlanden, met name in Duitsland en Frankrijk, ontstonden grootse massaspektakels. ​“Men gaat dat spel uitbreiden en het blijft niet bij het verhaal van de verrijzenis. Sommige gaan van Adam en Eva tot het laatste oordeel.” Deze passiespelen worden dan ook over verschillende dagen gespeeld. ​“Je krijgt enorme toneelstukken van dertig- tot veertigduizend verzen, waar een gewoon toneelstuk van tweeduizend verzen al lang is.” Er wordt ook humor toegevoegd en spektakel. ​“Duivels, bijvoorbeeld, die tussen het publiek stormen en daar een paar mensen tussenuit halen”. 

In de Nederlanden vinden we geen sporen — noch teksten, noch vermeldingen in stadsrekeningen — terug van de meerdaagse spektakels. Enkel in het zuiden van de Habsburgse Nederlanden vinden we — onder invloed van Noord-Frankrijk — twee voorbeelden van passiespelen: in Bergen (1501) en in Valenciennes (1547). ​“Het passiespel in Bergen duurt een hele week en gaat samen met een wedstrijd van komische toneelstukken.” Volgens Ramakers (1996) dramatiseert het spel het Bijbelverhaal vanaf de schepping tot Pinksteren, met het lijden en de verrijzenis van Christus als hoogtepunt. Het is groots in alle opzichten: de tekst (ca. 40.000 regels), het aantal rollen (ca. 350), het aantal spelers (ca. 150; er werd veel gedubbeld), de afmetingen van de stellage waarop het spel wordt opgevoerd, het aantal plaatsen van handeling … 

Reformatie en contrareformatie

Door de opkomst van het protestantisme en de tegenbeweging van de katholieke kerk, verdwijnen de paas- en passiespelen voor een groot deel. Daarin spelen verschillende factoren mee. Zo ​“zijn de protestanten tegen het uitbeelden van God, terwijl Christus en soms ook God de Vader optreden in die spelen”. Daarnaast ​“is er na het Concilie van Trente de tendens om de boel strakker in de hand te houden. De Katholieke Kerk heeft het er al langer moeilijk mee dat in die spelen religieuze en wereldlijke scènes vermengd worden, en dat er humor in gestoken wordt.” 

Al verdwijnen spelen over het passieverhaal niet volledig. ​“Joannes De Condé schrijft in 1651 een stuk — Den Lydenden ende Stervenden Christus — dat redelijk vaak herdrukt wordt”. En volgens Hüsken (1996) wordt in 1706 een Spel van de Passie Ons Heeren Jesus Christus gebracht door de nieuwe kamer van retorica De Wijngaard (Brussel) en in 1770 in het stadhuis van Tielt. 

Bronnen en literatuur 

  • Hüsken, W. (1996). In Dendermonde wordt in de Paasdagen een Verrijzenisspel gespeeld; kerkelijk drama in de volkstaal. In R. Erenstein (Red.), Een theatergeschiedenis der Nederlanden (pp. 24 – 29). Amsterdam University Press.
  • Nowé, J. (2000) Nu hoort wat men u spelen zal: theater in de Middeleeuwen (pp. 11 – 56, 96 – 169). Davidsfonds.
  • Ramakers, B. (1996). Eerste Journée van het passiespel van Bergen (Mons). In R. Erenstein (Red.), Een theatergeschiedenis der Nederlanden (pp. 70 – 79). Amsterdam University Press.
  • Werner, W. (1963), Studien zu den Passions- und Osterspielen des deutschen Mittelalters in ihrem Übergang vom Latein zur Volkssprache. Schmidt.
  • Met dank aan Hubert Meeus voor het gesprek. 
31 aug 2026

Passie binnen muziek en podiumkunsten | Erfgoeddag 2027

Passie, het thema van Erfgoeddag 2027, kan gaan over de gedrevenheid van beoefenaars en zorgdragers, maar ook over hartstocht in het repertoire, pass…
Lees meer

Ook interessant

07 aug 2026

Topstuk voorgesteld: La fleur des chansons

Prof. em. Henri Vanhulst vertelt over 'La fleur des chansons', een bundel met liederen van Orlandus Lassus, gedrukt door Petrus II Phalesius in Antwe…
Lees meer
01 jul 2026

De serpent terug op de kaart

Na een opleiding als tubaspeler ontdekte Berlinde Deman de serpent, een voorloper van de tuba uit de 16de tot 19de eeuw.
Lees meer
28 mei 2026

Topstuk voorgesteld: Davids psalmen door Petrus Dathenus

In 2007 werden twee drukken van het Psalmboek van Dathenus erkend als Vlaams topstuk.
Lees meer
29 apr 2026

Hoe bewaar je de lange geschiedenis van je rederijkerskamer? Een studiedag over archiveren en digitaliseren

Op 25 april 2026 kwamen leden van het Verbond van Kamers van Rhetorica samen voor een dag vol theorie en praktische tips over archiefzorg. 
Lees meer