Home Nieuws Rataplan: Thuis in de living

Rataplan: Thuis in de living

In een superdiverse stad als Antwerpen volstaat het klassieke cultuurhuismodel niet langer voor het doorgeven van muziekpraktijken. Er is nood aan laagdrempelige plekken waar mensen kunnen samenkomen om muziek in gemeenschap levend te houden. Rataplan in Borgerhout is zo’n plek. Met Concert in de Living, een programmareeks gecureerd door artiesten uit de Afrikaanse diaspora, laat het huis zien hoe culturele transmissie in een kunstenhuis kan werken. Twee sleutelfiguren hierin zijn Marcel Bas, programmamaker kunsteducatie & community, en Junior Akwety, multidisciplinair artiest en curator. We gingen met hen in gesprek over het hoe, wat en waarom van Concert in de Living.

'Concert in de Living' met Trio Felicés | © Justine Wolfs

Marcel en Junior: twee perspectieven, één gedeelde missie

Marcel Bas is geboren en getogen in Borgerhout en werkt bij Rataplan op het kruispunt van kunst, educatie, talentontwikkeling en publiekswerking. Zijn passie voor cultuur en multiculturaliteit werd in zijn eigen buurt gevoed. Hij schaart zich helemaal achter één van de doelstellingen van Rataplan: Rataplan is een plek zijn waar mensen letterlijk kunnen binnenwandelen”, zegt hij. Een open huis waar je je veilig voelt en waar verschillende culturen zich herkennen.”

© Rataplan

Junior Akwety is zanger, acteur, theatermaker, dramaturg en coach. Hij groeide op in Congo, kwam in 2002 naar Antwerpen, en beweegt vandaag tussen Brussel, Frankrijk en vele andere plekken. Die constante verplaatsing vormt zijn artistieke praktijk: een organisch, intuïtief zoeken naar verhalen van mensen en culturen. Altijd onderweg zijn, dat is wie ik ben”, vertelt hij. En precies dat reizen, dat luisteren, dat leren van anderen — dat draag ik mee in mijn werk.” 

Junior beschouwt zichzelf als een kind van Rataplan”: hij vond er kansen, gesprekken, en bovenal een netwerk. Zoals hij zelf zegt: Alles wat ik doe, vertrekt vanuit mensen. Muziek en cultuur zijn nooit alleen technisch – ze zijn relationeel.” Die visie maakt hem een ideale curator voor intieme, warme ontmoetingen. 

© Whitley Isa

De veelzijdigheid van jazz

Rataplan is een kunstenhuis met een focus op jazz in verbinding met grootstedelijke klanken. De medewerkers beseffen dat dit genre vaak gedomineerd wordt door eerder Europese artiesten. Terwijl er in Borgerhout en Antwerpen veel meer muzikale praktijken zijn. We willen tonen welke muziek leeft in onze straat. Gnawa, Amazigh, Congolese muziek: dat is allemaal aanwezige cultuur, maar je ziet het (nog) te weinig in onze zalen. Met Concert in de Living proberen we die klanken ook binnen te halen en te verweven met ook jazz”, aldus Marcel. 

Dat is niet de enige drijfveer: jazz is bovendien een heel breed genre, en ook die veelzijdigheid wil Rataplan weerspiegelen. Junior vertelt: Met Femke Vanpoucke, die de algemene en artistieke coördinatie van Rataplan doet, hebben we het vaak over de vraag: Wat ís jazz?’ Jazz komt uit New Orleans, uit Congo Square. Snap je? Dat zegt zoveel. De gombo — een Creools gerecht dat bekendstaat als een mengeling van ingrediënten en culturen – is een mooie metafoor. Jazz is ontstaan uit Afrikaanse, Caraïbische, Europese en Afro-Amerikaanse invloeden. Het was de plek waar mensen van verschillende achtergronden samenkwamen om iets nieuws te creëren. Dat was een echte ontmoeting. En dát is jazz. Los van de muziek, los van de technische kant, het gaat echt over de mensen zelf.” 

Dat besef vormt de aanleiding voor Concert in de Living: jazz wordt niet gezien als elitaire kunst, maar als levende traditie, gebouwd op dezelfde dynamieken van migratie, uitwisseling en ontmoeting als de huidige diasporaculturen. 

Concert in de Living

Het project werd enkele jaren geleden opgestart door communityworker Kim Nzita Vangu, die zelf Congolese roots heeft. Hij merkte dat artiesten uit de Afrikaanse diaspora nauwelijks podium kregen binnen het Antwerpse en Vlaamse cultuurlandschap, terwijl hun muziek en verhalen wel sterk aanwezig zijn in de stad. Via projectsubsidies van Africalia startte hij de reeks op. 

De concerten gaan niet door in de grote zaal van Rataplan, maar in de ontmoetingsruimte de Living. De living’ is dus meer dan een metafoor: de ruimte creëert een andere dynamiek. In een living voel je je thuis en veilig. Daardoor komt de muziek ook op een andere manier binnen”, aldus Junior. Het publiek zit dicht op de artiesten, de sfeer is huiselijk, en na het concert volgt steeds een nagesprek. Het nagesprek volgt geen vast format, maar is een organisch moment waarop artiesten hun verhalen delen over hun cultuur en hoe deze achtergrond tot uiting komt in de muziek. 

Concert in de Living is geen eindpunt, maar een begin: artiesten krijgen zichtbaarheid, netwerk, feedback en een plek waar ze hun praktijk kunnen verdiepen. Door deze kennismaking met Rataplan stromen artiesten door naar de zaal. Zo stond Imane Guemssy vorig jaar in de Living, en afgelopen december op het festival Interlinie samen met jazzmuzikanten als Hanne De Backer. 

'Concert in de Living' met Imane Guemssy | © dontframekevin

De rol van de curator: gids, luisteraar, verhalenbewaker

Rataplan werkt voor Concert in de Living met meerdere curatoren, namelijk Junior Akwety, Aminata Barry en Nadia Bourabain. Elke curator brengt een eigen netwerk en interesseveld mee: Centraal-Afrika, West- en Oost-Afrika, Amazigh- en Gnawa-cultuur. Deze curatoren zijn geen klassieke programmatoren, ze zijn deel van de gemeenschappen waaruit ze putten en ze gaan op zoek naar stemmen die minder gehoord worden. Junior omschrijft zijn rol als volgt: Ik kies niet alleen artiesten. Ik ga met hen in gesprek en luister. Ik vraag hen: Wat wil jij delen van je cultuur? Wat betekent die muziek voor jou? Waarnaar ben je op zoek?” 

Junior geeft het voorbeeld van Alice Sinephro, de laatste artiest die hij uitnodigde voor een optreden in december. Ze groeide op in een muzikale familie die haar kennis liet maken met jazz, soul, funk en Afro-Caribische ritmes zoals zouk, kompa en salsa. Ze heeft Martiniquese roots”, zegt Junior. Toen ik haar vroeg om heel bewust te kiezen voor haar eigen kunst en cultuur, reageerde ze eerst: Oei, dat heb ik nog nooit gedaan, hoe begin ik daaraan?’ Daar heeft ze twee, drie maanden over nagedacht. Ze heeft onderzocht hoe ze opnieuw de connectie kon maken met de muziek van haar roots: Wat betekent het om van Martinique te komen? En dat gaan ze nu brengen, op een kleinschalige manier. Dat vind ik juist zo interessant: vanuit de curatorsrol kijk je verder dan de muziek alleen. Als je talent en potentieel ziet om iets te creëren dat meer is dan alleen klanken, dan moet je dat ook cureren.” 

Het curatorschap is traag werk en gaat om meer dan artiesten boeken: telefoongesprekken, koffies, bezoeken aan repetities én lange gesprekken over roots, stijl, traditie en identiteit. Veel van dit werk is onzichtbaar en niet vergoed, maar wel essentieel.

Omdat curatoren vertrouwd zijn binnen hun eigen gemeenschappen, ontstaat er een horizontale dialoog. Als programmatie alleen top-down gebeurt, mis je de brug. Een curator staat in twee werelden tegelijk: die van het huis en die van de community. Dat is wat werkt”, aldus Junior. 

Het nagesprek

Junior modereerde al verschillende nagesprekken bij Concert in de Living. Tot op heden was dit een vast onderdeel van de avond. Voor hem vormen ze een verlengstuk van het artistieke proces, een plek waar kennis en verhalen worden gedeeld. Het is een vorm van interculturele transmissie op het moment zelf: artiesten delen na hun concert achtergrondinformatie, het publiek reageert, verhalen worden verbonden en gedeelde referentiekaders groeien. Het gesprek start altijd eenvoudigweg vanuit nieuwsgierigheid: Heel simpel, gewoon een vraag stellen”, aldus Junior. 

Junior modereerde al verschillende nagesprekken | © dontframekevin

Voor Junior draait het bij deze nagesprekken niet om culturen, maar om mensen. Mensen die hun eigen bagage brengen, hun eigen cultuur, en die dat willen delen.” Hij faciliteert de gesprekken als een dramaturg: hij creëert een veilige ruimte, begeleidt waar nodig en laat de artiesten zelf bepalen wat ze willen delen. Ik creëer ruimte met mijn vragen: Wat vind jij belangrijk om te delen?” Het publiek kan vragen stellen, maar Junior benadrukt het informele, intieme karakter: Na één of twee vragen stapt de artiest van het podium en gaat zelf ook iets drinken, en dan ontstaat er een heel natuurlijk gesprek. Mensen die misschien de microfoon niet durven te nemen, krijgen zo ook de kans om in gesprek te gaan.”

Nagesprek met host Junior Akwety, curator Nadia Bourabain en muzikant Najib Amazigh na Concert in de Living (11 februari 2025) | © Emiel Viellefont

Waarom een apart podium nodig is

Concert in de Living biedt een veilige setting die drempels verlaagt voor zowel artiest als publiek, creëert ruimte voor gesprekken die in de grote zaal onmogelijk zijn, laat artiesten experimenteren zonder de druk van ticketverkoop en geeft gemeenschappen de kans om het huis eerst op een vertrouwde manier te leren kennen. 

Voor veel artiesten is zo’n plek heel hard nodig. Ze botsen in hun carrière op een gebrek aan netwerk, programmatoren die keuzes maken op basis van cijfers en risico’s, beperkte middelen voor experimenteel of traditioneel werk, een tekort aan plekken waar context en verhaal even belangrijk zijn als techniek, en een gebrek aan curatoren die hun tradities begrijpen. 

Junior vertelt daarover: Ik ben één van de weinigen uit mijn groep van vijftien rappers die is doorgebroken. Niet omdat ik beter was, maar omdat één iemand, Omar Ba, mij naar een casting duwde. Eén kans kan een leven veranderen.” Voor hem was gemeenschap altijd cruciaal: vrienden uit Linkeroever met wie hij muziek maakte, Omar Ba die hem een kans gaf, en dramaturg Gerardo Salinas, regisseur Junior Mthombeni en cultuurprofessional Femke Vanpoucke, die zijn potentieel herkenden. Ik had vrienden nodig. Mensen die zeiden: jouw verhaal mag er zijn, en moet verteld worden.” Die ervaring maakt hem nu extra gedreven als curator: hij wil die rol vervullen voor anderen en kansen creëren die een leven kunnen veranderen. 

Publiekswerking

Marcel geeft aan dat het nog niet altijd makkelijk is om veel publiek te bereiken voor Concert in de Living. We proberen muziek die in deze buurt leeft naar binnen te halen, maar het is niet makkelijk om verschillende mensen op zo’n concert tot hier te halen. Het ene concert lukt dit, het andere concert is weer een zoektocht, op maat communiceren, zorgen dat er mond-aan-mond reclame is, dat ook de artiesten en curatoren de netwerken aanspreken.” De standaardaanpak van culturele huizen sluit vaak niet aan bij mensen die uit andere culturen komen: Eigenlijk vertrekt je manier van communiceren, of de manier waarop je reclame maakt, vaak al vanuit een eigen narratieve insteek. Terwijl je hier op zoek moet gaan naar de juiste peers en communicatie.” 

Publiek bij 'Concert in de Living' | © Roxi Pop

Volgens Junior moet de focus liggen op warme, veilige ontmoetingen waarin nieuwsgierigheid en persoonlijk contact centraal staan. Concert in de Living is echt een beginpunt van een gesprek. We nodigen mensen uit met de hoop dat we in dialoog kunnen gaan. Wat hebben jullie nodig? Wat herkennen jullie niet in het huis of in het culturele aanbod?” Junior benadrukt dat het culturele huis niet de buurt maakt, maar dat het juist omgekeerd is: het is de wijk die betekenis geeft aan het huis. Deze filosofie vormt de basis voor de toekomstige ontwikkeling van Concert in de Living: een duurzaam, flexibel en verbindend podium waar diversiteit, context en gemeenschap centraal staan. 

Marcel geeft het voorbeeld van een Amazigh-zanger die werd geprogrammeerd op Concert in de Living, om te tonen dat zelfs bij een kleiner publiek echte connecties ontstaan. Zijn collega postte het op sociale media en er reageerden mensen die anders nooit een voet in Rataplan zouden hebben gezet: Zullen we hiernaartoe gaan?’. 

Voor een avond met Meral Polat, die in de grote zaal stond, verdiepte het team zich vooraf grondig in de Turkse en Koerdische context, zocht contact met relevante organisaties, programmeerde een kortfilm van Bülent Öztürk en een nagesprek, en ging zelfs samen eten in een lokaal Koerdisch restaurant om letterlijk deel te nemen aan de cultuur. Die kleine blijken van interesse, die context die je meegeeft aan het concert, maken dat de avond nog zoveel sterker wordt”, zegt Junior. Publiekswerking gaat hier dus niet alleen over promotie, maar over oprechte nieuwsgierigheid, betrokkenheid en langdurige relaties met de gemeenschap. 

Toekomst

Voor Rataplan is de ambitie duidelijk: het streven naar diversiteit en inclusie op het podium stopt nooit. Marcel benadrukt dat je nooit te veel diversiteit kunt hebben op je podium en in publiek, want dat is onze stad die zich thuis kan voelen in verschillende cultuurhuizen” en dat het belangrijk is om nieuwsgierig te blijven. Junior deelt dezelfde ambitie vanuit zijn eigen perspectief: hij wil zijn vzw Maïsha laten groeien, meer samenwerkingen opzetten en projecten ontwikkelen die mensen wezenlijk samenbrengen. Tegelijkertijd wil hij zelf weer meer muziek maken en studio-ervaring opdoen. Beiden hopen dat Concert in de Living blijft doorgroeien tot een maandelijkse ontmoetingsplek. 

Op dit moment bekijkt Rataplan hoe de toekomst van Concert in de Living verder te zetten, zonder projectmiddelen. Voor Marcel en Junior is het duidelijk dat de continuïteit van het project afhankelijk is van structurele inzet en duurzame middelen. Als je het aanbod laat vallen, verlies je ook het publiek dat je langzaam hebt opgebouwd en dat zich veilig voelt in deze setting”, zegt Junior. De inzet van curatoren blijft essentieel. Het zou absurd zijn als wij zelf gingen programmeren zonder echt gevoel te hebben voor waar die muziek vandaan komt. Juist daarom is het zo waardevol om met curatoren te werken”, aldus Marcel, en een gesprek op gang te brengen. 

Inspiratie voor artiesten, cultuurhuizen en erfgoedzorg

Immaterieel erfgoed leeft pas wanneer mensen het doorgeven. Rataplan laat zien dat cultuurhuizen hiervoor een laagdrempelige en veilige context kunnen bieden. In gesprek met Junior en Marcel wordt duidelijk welke lessen hieruit te trekken zijn voor artiesten, erfgoedwerkers en cultuurhuizen. 

Voor artiesten begint het bij het durven vertellen van het eigen verhaal. Roots zijn geen beperking maar een rijkdom, ook wanneer ze eerst herontdekt moeten worden, en een artistiek traject hoeft nooit in isolement te ontstaan. Zoals Junior het verwoordt: Durf het lokale cultuurhuis binnen te stappen, vraag om een repetitieplek, residentie, concert of om een voorprogramma te spelen.” Daarnaast is het ook aan het cultuurhuis om zich open op te stellen, hun eigen narratieven en aanpak in vraag te stellen en samen te werken. 

Erfgoedwerkers kunnen ruimte bieden voor gesprek, overdracht en betekenisgeving. Investeer in (na)gesprekken waar overdracht plaatsvindt, en documenteer niet alleen de muziek, maar ook de verhalen, emoties, rituelen en context erachter. En laat iemand weten dat zijn verhaal ook verteld mag worden.” 

Cultuurhuizen spelen een sleutelrol door structureel te investeren in relaties. Dat betekent het vaak onzichtbare werk doen: aanwezig zijn in de gemeenschap, mensen ontmoeten in hun eigen context, tijd nemen en begrijpen dat vertrouwen zich langzaam opbouwt. Tegelijk vraagt het om interne keuzes, zoals het versterken van gemeenschapswerking en het geven van ruimte aan curatoren die een voet hebben in de gemeenschappen. 

Slot

Beginnende artiesten uit de Afrikaanse diaspora krijgen bij Concert in de Living niet alleen een podium, maar een stem, een gesprek, een plek waar verhalen veilig en laagdrempelig gedeeld kunnen worden en mensen van elkaar kunnen leren: Wij groeien alleen maar als mensen, als we van andere mensen kunnen leren”, zegt Junior. Dit model is relevant voor Borgerhout en Antwerpen, maar evenzeer voor heel Vlaanderen en Brussel, en vormt een oproep om diversiteit niet alleen als uitdaging te zien, maar te erkennen als bron van nieuwe verhalen, nieuwe kunst en nieuw erfgoed. 

Dit praktijkvoorbeeld maakt deel uit van onze reeks over Muziek en podiumkunsten tussen culturen. In 2025 en 2026 interviewt CEMPER verschillende beoefenaars binnen de muziek en podiumkunsten die actief zijn in de overdracht van erfgoed tussen culturele contexten.

In dat kader organiseren we op 8 juni 2026 een uitwisselingsmoment waarbij erfgoeddragers die zich bewegen tussen twee culturen met elkaar in gesprek gaan. Ze delen hun ervaringen over werken binnen én tussen verschillende contexten, over het spanningsveld tussen traditie en vernieuwing, over overdracht, documentatie en nog veel meer.

Ook interessant

10 jun 2026

Het geheugen als archief: de nalatenschap van Luc Brewaeys

In het kader van een pilootproject verzorgde de Luc Brewaeys Foundation digitale partituren en interviews met personen die nauw betrokken bij Brewaey…
Lees meer
01 jun 2026

KH Sint-Martinus Opgrimbie viert 100-jarig bestaan met concerten en jubileumboek

(Ere)voorzitters Romain en An Buekers vertellen over de mijlpalen van KHSM Opgrimbie en de viering van hun jubileum. 
Lees meer
29 apr 2026

Save the date: tweede editie 'Van Alle Domeinen Thuis'

Op 26 november 2026 organiseren we opnieuw een lerende netwerkdag voor erfgoedprofessionals over immaterieel erfgoed.
Lees meer
27 apr 2026

Steun de erkenning van circus als immaterieel cultureel erfgoed

Met dit artikel willen we iedereen oproepen de erkenning van circus op de 'Inventaris Vlaanderen van het immaterieel cultureel erfgoed' te steunen, d…
Lees meer