Populaire muziek na 1950
Slachtoffer van zijn succes – dat lijkt het bindende element van het erfgoed van de populaire muziek. Net omdat deze muziek op een bepaald moment omnipresent lijkt, voelt men op institutioneel niveau minder de noodzaak om het erfgoed ervan te bewaren. Met als gevolg de paradoxale situatie dat er voor populaire muziek een problematiek is rond de bewaring van geluidsdragers, van tijdschriften met grotere of kleinere oplage, van efemera en van beeldmateriaal.
De erfgoedzorg rond populaire muziek is thans voornamelijk een zaak van privé-initiatieven. In een aantal gevallen leidt dit tot een zeer uitgebreide erfgoedwerking met publicaties, heruitgaven, compilaties, tentoonstellingen en onderzoek.
Beide polen – de institutionele erfgoedsector en de privé-erfgoedzorgers – bij elkaar brengen om die erfgoedzorg te versterken en verbeteren, is de uitdaging.
Onderzoek
Taalunie, Muziekweb (NL) en CEMPER inventariseerden tussen 2018 en 2021 het Nederlandstalig muzikaal erfgoed bij privéverzamelaars en archiefinstellingen.
In 2013 publiceerde Resonant (nu CEMPER) de belangrijkste vaststellingen die voortvloeiden uit een vooronderzoek naar het erfgoed van de populaire muziek in Vlaanderen en Brussel.
Praktijkvoorbeelden: tonen en (laten) beleven
Praktijkvoorbeelden: goed bewaren
Praktijkvoorbeelden uit het buitenland
Nieuwsoverzicht
“Het is onvoorstelbaar dat in een klein taalgebied zo’n rijkgevuld oeuvre is gemaakt”
Waar is de site van Muziekarchief Vlaanderen?
Brieven van Hugo Raspoet
Philippe Cortens: op zoek naar verborgen schatten in ons muziekerfgoed
"Soms fotografeerde ik vierhonderd concerten per jaar" - Carline Vandercruyssen en haar uniek rockarchief